**1..** Een immateriële schadevergoeding wordt in principe voor 2/3e in aanmerking genomen en voor 1/3e niet in aanmerking genomen.
**2..** Een schadevergoeding voor geleden materiële schade wordt in principe niet in aanmerking genomen.
**3..** Een schadevergoeding voor verlies aan verdienvermogen wordt volledig in aanmerking genomen.
Toelichting
Bij ministeriële regeling aan te wijzen uitkeringen en vergoedingen voor materiële en immateriële schade worden voor de bijstand niet als middel aangemerkt (artikel 31 lid 2 onderdeel l Pw). Voor schadevergoedingen die niet in deze regeling zijn opgenomen, is het aan het college om te bepalen of het vanuit een oogpunt van bijstandsverlening verantwoord is om deze schadevergoedingen (deels) niet tot de middelen te rekenen. Daarbij moet het college rekening houden met de omstandigheid dat bij zeer aanzienlijke uitkeringen de belanghebbende in een zodanige financiële positie kan komen te verkeren dat het onverkort buiten beschouwing laten daarvan niet in overeenstemming is met het minimumbehoefte- en complementaire karakter van de bijstand.
Een schadevergoeding kan bestaan uit drie componenten:
vergoeding van immateriële schade;
vergoeding van materiële schade;
compensatie voor verlies aan verdienvermogen.
Immateriële schade
Met betrekking tot immateriële schadevergoedingen blijkt uit rechtspraak dat beleid waarbij een verdeling 1/3e deel van een immateriële schadevergoeding werd vrijgelaten en 2/3e deel niet, redelijk is. Het college sluit zich aan bij deze richtlijn.
Materiële schade
Een schadevergoeding voor geleden materiële schade kan in principe vrijgelaten worden nu hier concrete materiële schade tegenover zal staan (bijvoorbeeld reiskosten, advocaatkosten, autoschade etc.).
Compensatie verlies aan verdienvermogen
Compensatie voor verlies aan verdienvermogen moet worden aangemerkt als inkomen. Deze compensatie is bedoeld voor de kosten van het levensonderhoud. Het vervangt het inkomen dat door de toegebrachte schade geheel of gedeeltelijk niet meer kan worden verdiend. De bijstand hoeft daarop slechts aan te vullen. Dit deel van de schadevergoeding moet worden toegerekend aan de periode waarop deze compensatie ziet. Voor zover de periode waarop deze compensatie ziet samenvalt met een periode waarover belanghebbende al bijstand heeft gehad, kan de verstrekte bijstand worden teruggevorderd op grond van artikel 58 lid 2 sub f onderdeel b Pw. Ziet de compensatie op een periode waarin (nog) geen beroep werd gedaan op bijstand, dan wordt dat deel toegerekend aan het vermogen.
Periode toerekenen
Het college mag pas rekening houden met de schadevergoeding vanaf de dag waarop belanghebbende hier daadwerkelijk over kan beschikken. In het algemeen moet een aanspraak op een schadevergoeding wegens een ongeval worden toegerekend aan de periode die aanvangt vanaf de datum van het ongeval (zie ECLI:NL:CRVB:2019:430). Dan kan het college in voorkomende gevallen de kosten van bijstand terugvorderen (van artikel 58 lid 2 onderdeel f Pw).
Als uit de schadevergoedingsovereenkomst niet blijkt over welke periode er schadevergoeding voor het derven van inkomsten is toegekend, lijkt het redelijk om te veronderstellen dat deze periode loopt vanaf de datum ongeval tot het moment dat belanghebbende de pensioengerechtigde leeftijd bereikt (zie ECLI:NL:CRVB:2019:430).
Aantonen
Belanghebbende moet zelf aantonen of aannemelijk maken wat de herkomst van zijn middelen is. Hij zal dus bijvoorbeeld aan de hand van een schadevergoedingsovereenkomst moeten aantonen uit welke componenten de schadevergoeding is opgebouwd.
Hoofdstuk 7.
Artikel 7.6
Vrijlaten schadevergoedingen
Onderdeel van Beleidsregels Inkomen en Vermogen 2023 gemeente Albrandswaard