Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7.

Artikel 7.5

Vaststellen vermogen bij co-ouderschap

Onderdeel van Beleidsregels Inkomen en Vermogen 2023 gemeente Albrandswaard

Wanneer sprake is van co-ouderschap, waarbij beide ouders elk voor een, per individueel geval bepaald, deel van de week het ouderlijk gezag over de kinderen tot 18 jaar uitoefenen, wordt de vermogensvrijlating uit artikel 34 lid 2 onderdeel b Pw als volgt vastgesteld: de vermogensgrens voor een alleenstaande, vermeerderd met X/7 maal het verschil tussen de vermogensgrens voor een alleenstaande ouder en een alleenstaande. X is het gemiddelde aantal dagen per week dat de co-ouder het kind verzorgt. Toelichting Aan de hand van een voorbeeld wordt verduidelijkt hoe het vermogen bij co-ouderschap wordt vastgesteld. Stel een co-ouder verzorgt het kind gemiddeld 4 dagen per week. Dan wordt de grens van de vermogensvrijlating als volgt berekend (het voorbeeld werkt met bedragen per 1 juli 2021). Vermogensgrens alleenstaande € 6.295,00 + Vermogensgrens alleenstaande 4/7 x vermogensgrens alleenstaande ouder – vermogensgrens alleenstaande: € 3.597,14. Dit is als volgt berekend: 4/7 x (€ 12.590,00 - € 6.295,00) Totaal € 9.892,14

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel