Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.4

Artikel 4.4.1

Strategie afvalwater

Onderdeel van Programma Water en Riolering 2023-2027

ZORGPLICHT AFVALWATER Als gemeente hebben we de zorgplicht voor de inzameling van stedelijk afvalwater. In gebieden waar we als gemeente inzameling en transport van stedelijk afvalwater niet doelmatig kunnen verzorgen en de provincie ontheffing van de zorgplicht heeft verleend moet de houder van het afvalwater zelf zorgen voor de verwerking van het afvalwater volgens geldende normen. Met het in werking treden van de Omgevingswet vervalt de provinciale ontheffingsbevoegdheid en mogen we als gemeente samen met het waterschap zelf bepalen wat doelmatig is. Bedrijfsafvalwater, dat niet op dezelfde manier kan worden behandeld als huishoudelijk afvalwater is geen stedelijk afvalwater. Omdat we hier als gemeente geen zorgplicht voor hebben kunnen we desgewenst bestaande of nieuwe aansluitingen van bedrijven weigeren als dit ten goede komt van de zuivering. Inzamelen en verwerken van afvalwater Nieuwe afvalwaterlozers dienen te voldoen aan de regels van de lozingenbesluiten. Bij ontwikkelingen waarbij door functiewijzing er meer belasting van afvalwater op het stelsel komt betaalt de ontwikkelaar eventuele meerkosten voor de verwerking. In het buitengebied sluiten we kleinschalige nieuwbouw aan op drukriolering. Lozing van hemelwater hierop is niet toegestaan. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt de afvoercapaciteit van het ontvangende stelsel getoetst. Eventuele nodige aanpassingen komen voor rekening van de initiatiefnemer. In onze aansluitverordening willen we de kosten voor aansluiten van nieuwe lozers op vrijvervalriolering gaan standaardiseren. Komende planperiode onderzoeken we welk bedrag hiervoor doelmatig is. Doordat een deel van de voormalig gemeente Haaren nu onderdeel is geworden van gemeente Oisterwijk, bevinden zich in onze gemeente nu een aantal IBA’s (Individuele Behandeling Afvalwater). De zuiverende werking van IBA’s kan niet worden gegarandeerd, daarom worden nieuwe IBA’s niet toegestaan. Zie hiervoor ook onze Aansluitverordening riolering 2023. Voor nieuwe ontwikkelgebieden wordt water gescheiden ingezameld. Bij nieuwe lozingsaanvragen hanteren we onderstaande leidende principes: Voor het bepalen van de lozingsroute dient de voorkeursvolgorde te worden aangehouden. Het geloosde afvalwater mag aantoonbaar geen extra risico’s opleveren met betrekking tot aantasting van de riolering. Om ruimte in het systeem te houden kunnen we als gemeente een aanvraag weigeren en/of een gebufferde lozing vereisen. Potentiële bedrijfsmatige afvalwaterlozers dienen aan te tonen welke risicobeheersmaatregelen zij treffen voor het geval er zich calamiteiten voordoen in het bedrijfsproces (waterkwaliteit/-kwantiteit). Als gemeente staan we open voor innovatieve sanitatievormen vanuit een duurzaamheidsdoel. Hierbij stemmen we af met waterschap De Dommel. Beheer en onderhoud – ook lange termijn – is hierbij een aandachtspunt. Een mogelijke achtervang hiervoor is een overloop op een backupvoorziening zodat de afvoerroute kan wijzigen en alsnog op de riolering geloost wordt. Indien deze initiatieven zich voordoen dan maken we maatwerkafwegingen in de haalbaarheid van deze toepassingen. De voorkeursvolgorde voor de verwijdering van bedrijfsafvalwater is: hergebruiken zuiveren lozen in de bodem lozen op oppervlaktewater lozen op de vuilwaterriolering (als het niet anders kan) Nieuwe bedrijfsmatige lozers hebben bewijslast voor deze voorkeursvolgende: indien ze hun afvalwater op een lagere trede in de voorkeursvolgorde willen verwerken moeten ze kunnen onderbouwen waarom het niet mogelijk is om hun afvalwater te verwerken op een hogere trede in de voorkeursvolgorde. Vervanging van drukriolering is maatwerk. Hierbij maken we een afweging op basis van doelmatigheid. Landelijk worden op kleine schaal nieuwe sanitatievormen uitgeprobeerd, bijvoorbeeld een aparte inzameling van urine en decentrale zuivering. Dit zijn interessante ontwikkelingen, die binnen het samenwerkingsverband worden gevolgd. Wij hanteren als uitgangspunt dat rioolvoorzieningen robuust dienen te zijn. Grootschalige alternatieven worden pas toegepast als ze voldoende zijn bewezen. We staan open om mee te werken aan wijkgerichte pilots. Uitgangspunt is dat dit gebeurt binnen de geldende wet- en regelgeving. Bij lozingen van bedrijfsafvalwater op de drukriolering kunnen maximum lozingsdebieten of lozingstijden worden opgegelegd. Komende planperiode gaat de gemeente onderzoeken wat de kwaliteit is van het afvalwater van (de grotere) bedrijfsmatige lozers, en of hier eventuele maatregelen nodig zijn om het water te behandelen alvorens het geloosd wordt. Lozen van afvalwater We hebben als gemeente met Waterschap De Dommel een Afvalwaterakkoord afgesloten. Hierin zijn afspraken gemaakt over overnamepunten, de afnamehoeveelheden en optimalisaties. Dit akkoord is verouderd en zullen we in komende planperiode actualiseren. De inzameling en het transport van stedelijk afvalwater in onze gemeente mag niet tot volksgezondheid- of milieuproblemen leiden. Lozingen vanuit het rioolstelsel op oppervlaktewater zijn echter onvermijdbaar. Samen met het waterschap zorgen we ervoor dat de effecten op het (water)milieu aanvaardbaar zijn. Hiertoe volgen we een immissiegerichte aanpak met kosteneffectieve maatregelen om te kunnen gaan voldoen aan de Kaderrichtlijn Water (KRW). We hanteren hierbij de zogenoemde 4M-aanpak (4M staat voor monitoren, meten, modelleren en maatregelen) om het rioleringssysteem te optimaliseren. De vrijkomende meetgegevens van het opgerichte meetnet analyseren we om zo meer inzicht te krijgen in het aanbod op de zuivering, de lozing van overstortwater en het hydraulisch functioneren. Dit inzicht gebruiken we voor het opstellen van verbetermaatregelen. Opheffen van (schadelijke) lozingen In gebieden met gescheiden riolering komen foutieve aansluitingen voor (afvalwater op hemelwaterriolen of hemelwater op gemengde riolering). Dit kan leiden tot waterkwaliteitsproblemen in ontvangend oppervlaktewater of capaciteitsproblemen in het rioolstelsel. Samen met de waterschappen bepalen we waar er daadwerkelijk sprake is van een knelpunt. In dat geval onderzoeken we de situatie en werken aan een oplossing. Foutieve aansluitingen zonder impact op het oppervlaktewater, de werking van het rioolstelsel en/of leefomgeving pakken we in principe (vanuit praktische en financiële haalbaarheid) niet aan. Ditzelfde geldt voor rioolvreemd water. Dit is water dat in principe niet op de riolering thuishoort, bijvoorbeeld instromend oppervlaktewater, instromend lekwater, drainagewater maar ook drugsafval etc. Door onjuiste aansluitingen, lekkages in de riolering en overstortend rioolwater kan het afvalwater terecht komen in oppervlaktewater, grondwater en in de bodem. In samenwerking met waterschap De Dommel stemmen we een breder pakket aan emissiereductiemaatregelen af. Risicobeheersing Onder normale omstandigheden zamelen we afvalwater in en verwerken dit waarbij de kans op contact tussen mens en afvalwater gering is. Onder extreme omstandigheden of bij incidenten/calamiteiten is er een groter risico op contact als gevolg van uittredend afvalwater. Denk hierbij aan rioolwater dat bij hevige regenval vanuit de riolering op straat stroomt, een leidingbreuk, een brand of een incident waarbij gevaarlijke stoffen vrijkomen. De spreiding van een mogelijk incident of calamiteit in ruimte en tijd is dermate groot dat het voeren van preventief beleid niet (kosten)effectief is. Wel willen we zo efficiënt mogelijk kunnen handelen op het moment dat er zich iets voordoet. Onze eigen buitendienst en/of de calamiteitendienst is met materialen toegerust om beperkte maatregelen te kunnen treffen zoals het afstoppen van kleine leidingen of het dichtzetten van kolken. Wat te doen bij overlast (combinatie tussen afvalwater en hemelwater) Zorgdragen dat meldingen goed worden opgevolgd door de buitendienst. Indien nodig zal de brandweer moeten worden ingeschakeld (kelders leegpompen etc.). Ervoor zorgen dat kritieke straten die blank staan, tijdelijk worden afgezet. Indien nodig wordt een tijdelijke omleidingsroute ingesteld. Klachten die binnenkomen registeren en zorgen dat ze worden opgevolgd (interactie tussen binnen en buitendienst en ingeschakelde derden). Na een hoosbui (indien nodig) opdracht geven voor een extra veegronde cq. kolkenzuigen, zie ook punt 7. Bij (vermoedelijke) schade of overtreding wordt het voorval onderzocht door de omgevingsdienst. Na klachten als gevolg van een hoosbui de wegen, overstortsloten etc. goed schoonmaken en het vuil afkomstig uit het riool (toiletpapier, ontlasting) opruimen. Met het in werking treden van de Omgevingswet komt o.a. de activiteitengebonden verplichting tot het hebben van een vetafscheider te vervallen. Het is volgens het Kabinet effectiever om gemeenten in het Omgevingsplan te laten bepalen wie wel maatregelen zoals het plaatsen van een vetafscheider moet nemen. Omwille van de doelmatigheid vervalt met de komst van de Omgevingswet ook het afstandscriterium bij de keuze voor riolering of een gelijkwaardig alternatief. Ook is de provincie hierin geen bevoegd gezag meer. Gemeente Oisterwijk en het waterschap maken per situatie een gezamenlijke doelmatigheidsafweging op basis van een gezamenlijk op te stellen transparant afwegingskader.

Rechtspraak bij dit artikel