Bij de toepassing van deze beleidsregels geldt dat iedere aanvraag in ieder geval moet voldoen aan de onderstaande criteria:
- - de aangevraagde ontwikkeling moet passen in een goede ruimtelijke ordening;
- - de aanvrager moet voor de aangevraagde ontwikkeling een omgevingsdialoog uitvoeren en een verslag daarvan indienen;
- - voor zover de ontwikkeling gelegen is buiten de bebouwde kom moet er een landschappelijk inpassingsplan worden ingediend, deze voorwaarde geldt niet bij vergunningen op grond van artikel 4 lid 11 van het Bor;
- - de aanvrager dient de aanvraag te voorzien van een ruimtelijke onderbouwing die is afgestemd op de ruimtelijke impact van de gewenste ontwikkeling.