**1..** Aan de vergunning voor de deelscooters worden de volgende voorschriften en beperkingen verbonden:
de vergunninghouder heeft een privacyverklaring in de Nederlandse taal, hij overlegt een uittreksel van voorgenomen verwerkingen in het register van de Algemene Verordening Gegevensverwerking en, indien hij daarover beschikt, een kopie van de verwerkersovereenkomst en hij staat toe dat de gegevens die aan de gemeente worden geleverd gedurende de looptijd van de pilot conform het vastgestelde beleid, gebruikt mogen worden door de gemeente voor monitorings- en evaluatiedoeleinden en dat deze gegevens -na nader overleg tussen gemeente en vergunninghouder- geanonimiseerd bekend gemaakt mogen worden;
de vergunninghouder heeft één vast Nederlands sprekend aanspreekpunt voor de gemeente dat telefonisch en per e-mail bereikbaar is op maandag tot en met vrijdag van 9:00 uur tot 17:00 uur (nationale feestdagen uitgezonderd). De aanvrager is 24/7 bereikbaar voor nood- en hulpdiensten via een apart (nood)nummer;
de voertuigen voldoen aan de eisen die zijn gesteld bij of krachtens de Wegenverkeerswet;
de aandrijving van alle voertuigen (deelvoertuigen, en alle voertuigen in de operatie) veroorzaakt geen schadelijke stoffen;
de vergunninghouder verwijdert kapotte voertuigen en voertuigen die niet kunnen worden gebruikt van de openbare weg binnen 48 uur nadat bij redelijkerwijs bekend kon zijn met het defect of de onbruikbaarheid of zoveel sneller als hij in het bij de aanvraag overgelegde onderhoudsplan heeft beschreven;
de vergunninghouder is in staat om elk voertuig op elk moment te traceren;
de vergunninghouder behandelt en registreert klachten overeenkomstig het klachtenplan dat hij bij de aanvraag heeft overgelegd en handelt 97% van de klachten over hinder af binnen 8 uur en 97% van de klachten over gevaarlijke situaties binnen 4 uur (met uitzondering van noodsituaties onder lid b) dat wil zeggen het probleem is volledig en inhoudelijk opgelost en de indiener is voorzien van een terugkoppeling;
de vergunninghouder handelt overeenkomstig het parkeerplan dat hij bij de aanvraag heeft overlegd;
de vergunninghouder handelt overeenkomstig het onderhoudsplan dat hij bij de aanvraag heeft overlegd;
de vergunninghouder zorgt conform het implementatieplan voor een gecontroleerde introductie van het vergunde aantal voertuigen bij de start en voert het plan uit dat hij bij de aanvraag heeft overgelegd voor wat betreft hoe en hoeveel voertuigen bij de start in de openbare ruimte geplaatst worden en welke acties worden ondernomen als er klachten komen na de introductie;
de vergunninghouder is in staat binnen 6 maanden na de ingangsdatum van de vergunning ten minste de 75% en binnen 9 maanden na ingangsdatum van de vergunning het volledige aantal van de aan hem vergunde voertuigen te exploiteren, waarbij de aanvrager gehouden is aan het aantal toegezegde voertuigen in het implementatieplan;
de vergunninghouder spreidt en herverdeelt de voertuigen overeenkomstig het spreidings- en herverdelingsplan dat hij bij de aanvraag heeft overgelegd;
de voertuigen bevatten uitsluitend reclame voor de onderneming van de vergunninghouder. Indien het reclame met een mobiliteitsdoel betreft, dient de vergunninghouder een verzoek in bij en ter schriftelijk akkoord van de gemeente;
de vergunninghouder zorgt ervoor dat alle voertuigen die in het kader van zijn bedrijfsvoering in de openbare ruimte staan aan de vergunningvoorschriften voldoen;
de vergunninghouder werkt samen met andere aanbieders van vervoer en deelvoertuigen die actief zijn in Amsterdam overeenkomstig het bij de aanvraag ingediende omschrijving;
de vergunninghouder handelt overeenkomstig het regionaal plan dat hij bij de aanvraag heeft overlegd, zodat het aantal in Amsterdam aanwezige voertuigen niet boven het vergunde aantal voertuigen uitkomt;
de vergunninghouder stuurt op optimale veiligheid van de gebruiker en andere weggebruikers overeenkomstig het bij de aanvraag ingediende veiligheidsplan en onderzoekt met de gemeente wat de mogelijkheden zijn om alcoholmisbruik onder bestuurders, en negatieve gevolgen daarvan zoals ongelukken en onverantwoord (rij)gedrag door bestuurders, te voorkomen ;
de voertuigen hebben een maximale lengte van 2,00 meter, een maximale breedte van 0,74 meter en een maximale hoogte van 1,18 meter, exclusief eventueel windscherm, spiegels en helmcase.
de vergunninghouder biedt de voertuigen niet aan op plaatsen, wegen, weggedeelten en in gebieden waar dat op grond van artikelen 3.1 en 3.2 verboden is;
de vergunninghouder zorgt ervoor dat de voertuigen niet zijn of worden geparkeerd op plaatsen waar dat verboden is bij of krachtens de Wegenverkeerswet en de Algemene Plaatselijke Verordening;
de vergunninghouder vergroot het gebruik van de voertuigen overeenkomstig het bij de aanvraag ingediende marketing- en communicatieplan;
de vergunninghouder exploiteert het aantal voertuigen waarvoor hij vergunning heeft verkregen. Het percentage voertuigen dat op enig moment niet aangeboden kan worden omdat deze in reparatie zijn of vervangen moeten worden bedraagt niet meer dan 10%;
de vergunninghouder zorgt er voor dat niet méér voertuigen in de gemeente Amsterdam aanwezig zijn dan het aantal voertuigen waarvoor aan hem een vergunning is verleend;
De vergunninghouder levert een beschrijving waaruit blijkt dat aan de navolgende voorwaarden wordt voldaan:
De vergunninghouder levert aan de gemeente (of aan een door of namens de Burgemeesters en Wethouders aangewezen Trusted Third Party) met een interval van 15-30 seconden op geautomatiseerde wijze de data betreffende:
de feitelijke locatie van alle geparkeerde voertuigen van de vergunninghouder in de openbare ruimte binnen de gemeente , met uitzondering van geparkeerde voertuigen die verhuurd zijn.
de start- en eindlocatie van verhuringen die beginnen of eindigen binnen de gemeente.
**2..** Voor het aanleveren van de data genoemd in lid 1. mag de vergunninghouder nog een half jaar na ingang van de vergunning data aanleveren conform de huidige specificaties van het Dashboard Deelmobiliteit. Zie https://docs.crow.nl/deelfietsdashboard/hr-dataspec/. Daarna dient de vergunninghouder gebruik te maken van de volgende endpoints uit de MDS-standaard:
/provider/vehicles (met alleen aangeboden voertuigen) met specificatie van:
Het type voertuig
De status
De kilometerstand
/provider/trips (route bevat alleen start- en eindlocatie met specificatie van;
Begin- en eindtijd
Het type voertuig
De afgelegde kilometer
**3..** De gemeente stelt informatie over verbodsgebieden en hubs (a.) en gebieden met voertuigplafonds inclusief het maximaal aantal voertuigen (b.) beschikbaar via een openbare MDS-feed. Desgewenst stelt de gemeente deze informatie nog maximaal een half jaar na ingang van de vergunning beschikbaar via een KML file die per mail wordt toegestuurd aan de aanvrager.
Gedurende de looptijd van de vergunningen worden nieuwe gebieden met een parkeerbeperking of een verbodsgebied vooraf besproken met de vergunninghouders. De vergunninghouder draagt er zorg voor dat deze informatie na aankondiging binnen 3 werkdagen verwerkt wordt in eigen systemen en apps zodat de eindgebruiker altijd beschikt over actuele informatie
De vergunninghouder draagt er zorg voor dat de informatie over het aantal voertuigen binnen de in de nadere regels omschreven gebieden met voertuigplafonds(Centrum + Pijp en S100-ring onder het IJ) continu verwerkt wordt in eigen systemen en apps zodat de eindgebruiker altijd beschikt over actuele informatie.
Tevens stelt de vergunninghouder een openbare GBFS-feed beschikbaar van het servicegebied dat de aanbieder hanteert, inclusief verbodsgebieden en hubs.
**4..** De vergunninghouder zegt medewerking toe aan de verdere ontwikkeling van de data-uitwisseling over deelvoertuigen. In het kader van de CDS-M werkwijze zie cds-m-nl en de MaaS-standaarden wil de gemeente Amsterdam samen met andere overheden en marktpartijen nieuwe mogelijkheden van data-uitwisseling zo goed mogelijk benutten. De Strategic Committee voor de MaaS-standaarden , waarin overheden en marktpartijen vertegenwoordigd zijn, stelt eventuele nieuwe eisen en specificaties vast, waaraan de vergunninghouder moet voldoen.
**5..** De vergunninghouder is in staat om maandelijks op de tiende van de maand een rapportage met de volgende gegevens aan de gemeente te leveren met betrekking tot de daaraan voorafgaande kalendermaand:
aantal binnen gekomen klachten incl. locatie data, first response time en ticket resolution time, en aantal uitgedeelde straffen (boetes, verwijderingen gebruikers).
**6..** De vergunninghouder is in staat om aan het begin van elk kwartaal op de tiende van eerste maand van het nieuwe kwartaal een rapportage met de volgende gegevens aan de gemeente te leveren met betrekking tot het daaraan voorafgaande kwartaal:
het aantal unieke actieve gebruikers
gemiddeld aantal ritten per maand per gebruiker;
type gebruikers (percentage klanten inwoner van Amsterdam en percentage bezoeker)
het aantal van straat verwijderde en gerepareerde deelvoertuigen, inclusief termijn en percentage reparaties op straat versus in onderhoudslocatie.
**7..** de vergunninghouder verzamelt en verwerkt persoonsgegevens en andere gegevens in overeenstemming met de wet- en regelgeving en geeft een beschrijving van de manier waarop hij de wet- en regelgeving op het gebied van dataverwerking en privacy uitvoert.
**8..** de vergunninghouder vraagt de gebruikers van de voertuigen toestemming om maximaal 2x per jaar surveys of vragenlijsten te ontvangen namens de gemeente ten behoeve van monitorings- en evaluatiedoeleinden en verleent de gemeente toegang tot de gebruikers die toestemming hebben verleend.
de vergunninghouder verzamelt en verwerkt persoonsgegevens en andere gegevens in overeenstemming met de wet- en regelgeving en voert de wet- en regelgeving op het gebied van dataverwerking en privacy uit overeenkomstig de beschrijving die hij bij de aanvraag heeft gegeven;
de vergunninghouder werkt mee aan onderzoeken van de gemeente en verstrekt daartoe de gegevens waar het college om verzoekt en waarvoor de gebruikers expliciet toestemming hebben gegeven;
indien een voertuig is of wordt geplaatst binnen een straal van 200 meter van een (toekomstige) hub, hanteert de vergunningshouder het uitgangspunt dat het voertuig vanuit de hub wordt aangeboden, mits er voldoende stallingsruimte beschikbaar is in de hub. Hierbij geldt dat het aantal scooterplekken in een hub beperkt is en de aanbieder geen vaste plekken heeft. Er is dus geen plaatsgarantie in hubs. De afstand van 200 meter is een indicatief getal. Per hub wordt maatwerk toegepast waarbij rekening wordt gehouden met gebiedskenmerken die van invloed zijn op de plaatsing van de hub. Gemeente en aanvrager monitoren samen het gebruik van een nieuwe hubs en kijken na 12 maanden na ingebruikname of de betreffende hub goed werkt of niet. Op basis hiervan kan door de gemeente worden besloten om de hub te sluiten, te verplaatsen of deelscooters elders te faciliteren;
de vergunninghouder heeft een lopende aansprakelijkheidsverzekering die zowel materiele als letselschade dekt die voortvloeit uit de exploitatie;
de vergunninghouder houdt zich aan de maximale aantallen zoals omschreven in artikel 2.3
de vergunninghouder volgt klachten over geluidshinder van een defect alarm tussen 22.00 – 07.00 u direct op door het defecte alarm binnen 60 minuten uit te schakelen.
Hoofdstuk 2: › Paragraaf 3
Artikel 2.11
Voorschriften en beperkingen
Onderdeel van Nadere regels voor deelscooters Amsterdam 2023