Het college kan een vergoeding verstrekken voor de eenmalige kosten van aanpassing van de omstandigheden waaronder het begeleid werken wordt verricht als blijkt dat de aanpassingen op de werkplek noodzakelijk zijn, deze persoonsgerelateerd zijn en het niet redelijk is dat deze kosten door de werkgever worden betaald.
Kosten voor apparatuur, kosten voor de werkplek en kosten die voortvloeien uit de arbo-regelgeving die de werkgever uit hoofde van normaal en goed werkgeverschap voor iedere werknemer zou moeten maken, komen niet voor vergoeding in aanmerking.
Aanpassingen waarvan de kosten hoger zijn dan een jaarlijks door het college vast te stellen bedrag komen niet voor vergoeding in aanmerking.
Artikel 3.