**1..** Het ontbreken van een woonadres.
**2..** Het verblijf in een instelling:
verblijf in een instelling voor mannen- of vrouwenopvang (blijf-van-mijn-lijfhuizen);
verblijf in een instelling als bedoeld in artikel 2.40 lid 3 en 4 van de Wet BRP.
**3..** Verblijf op een adres waarvan het opnemen van dat woonadres naar het oordeel van de burgemeester om veiligheidsredenen niet wenselijk is (artikel 2.41 van de Wet BRP).
**4..** Het voorkomen van schrijnende situaties, waarbij inzet of voortzetting van hulpverlening noodzakelijk is, onder voorwaarde dat:
er sprake is van één of meer sociaal-maatschappelijke problemen;
de maatwerkoplossing erop gericht is om de persoon de kans te geven zijn leven ‘weer op de rit’ te krijgen, en
de persoon instemt met of al voldoet aan de voorwaarden van een het hulpverleningstraject.
**5..** Het is niet mogelijk om in de BRP met een briefadres geregistreerd te worden als een van de redenen genoemd in de leden 1 t/m 4 ontbreekt.