Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Voorwaarden voor een briefadres

Onderdeel van Regeling briefadres gemeente Meppel

1.. De aangifte adreswijzing wordt gedaan in de gemeente waar het briefadres wordt gekozen. 2.. De aangever is verplicht om bij de aangifte adreswijziging waarbij een briefadres wordt gekozen de in het derde lid genoemde stukken te overleggen. 3.. Onder benodigde stukken als bedoeld in het tweede lid wordt in ieder geval verstaan: een geldig identiteitsbewijs van de briefadreshouder; een compleet ingevuld en ondertekend formulier briefadres; een geldig identiteitsbewijs of een kopie daarvan en een schriftelijke verklaring van de briefadresgever; bewijsstukken waaruit de reden(en) voor het briefadres blijkt (blijken). 4.. Als het briefadres gevraagd wordt op grond van artikel 2 lid 3 is een schriftelijke verklaring van de burgemeester noodzakelijk waaruit blijkt dat opname van een woonadres niet wenselijk is. 5.. Als het briefadres noodzakelijk is op grond van een langdurig vermist persoon of op grond van artikel 2 lid 4, dient de noodzakelijkheid te blijken uit een onderliggend dossier. 6.. De briefadresgever kan maximaal aan twee gezinshuishoudens, aan twee alleenstaanden of aan een gezinshuishouden en een alleenstaande toestemming geven een briefadres te houden. 7.. Lid 6 van dit artikel is niet van toepassing indien de briefadresgever het college betreft of een door dit college aangewezen rechtspersoon, bedoeld in artikel 2.23 lid 3 van de Wet BRP.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel