Indien een overtreding geconstateerd wordt, volgt de gemeente onderstaande sanctiestrategie. Hierbij wordt zij ondersteund door haar eigen registratiesysteem. Daarbij onderschrijven we de landelijke handhavingsstrategie (LHS). Het doel van de landelijke handhavingsstrategie is uitvoering geven aan de beginselplicht tot handhaven, passend interveniëren bij iedere bevinding, in vergelijkbare situaties vergelijkbare keuzes maken en interventies op vergelijkbare wijze kiezen en toepassen. De essentiële onderdelen van de LHS zijn in onderstaande alinea’s uitgewerkt en aangevuld met eigen overwegingen.
Over het algemeen geldt dat we het contact met de eigenaar en uitvoerder van groot belang vinden. We proberen, als dat mogelijk is, al in een vroeg stadium in overleg te gaan waarmee ieders verwachtingen duidelijk worden en mogelijke toekomstige problemen worden voorkomen.
Gelijkwaardige oplossing bij afwijken van voorschriften
Er kan sprake zijn van een afwijking van de voorschriften, maar dat er maatregelen zijn getroffen die tot hetzelfde beschermingsniveau leiden (gelijkwaardigheid). Indien op een andere wijze dezelfde veiligheid, bescherming van de gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en bescherming van het milieu wordt gerealiseerd, kan het bevoegd gezag in een aantal gevallen een ‘besluit gelijkwaardige voorziening’ nemen.
Formele, legaliseerbare overtreding
Is wel sprake van een formele overtreding en is geen sprake van een gelijkwaardige oplossing, is een eerste vraag of het in principe een vergunbare situatie is of maatwerkvoorschriften opgelegd kunnen worden (legalisatie onderzoek). Als de situatie vergunbaar is, wordt de overtreder uitgenodigd om een vergunningprocedure of procedure voor maat-werkvoorschriften op te starten.
In sommige situaties is het denkbaar dat ondersteuning wordt geboden om de situatie te verbeteren. Bijvoorbeeld door het geven van voorlichting als wordt vastgesteld dat een bepaalde (onnodige) overtreding systematisch voorkomt. Zie hiervoor preventiestrategie.
Sanctie instrumenten
In deze paragraaf wordt stilgestaan bij de wijze waarop wordt opgetreden bij geconstateerde overtredingen. Hiervoor zijn bestuursrechtelijke en strafrechtelijke instrumenten in te zetten. Bestuursrechtelijk zijn dat:
Een bestuursrechtelijke sanctie:
last onder dwangsom (LOD), preventief of bij illegale situaties;
last onder bestuursdwang (LOB/BES);
spoedeisende bestuursdwang;
zeer spoedeisende bestuursdwang.
Schorsen of intrekken van de vergunning, certificaat of erkenning;
Bestuurlijke boete
Verscherpt toezicht.
Bestuursrechtelijke handhaving is gericht op het bereiken van de gewenste situatie. Bij een bestuursrechtelijke sanctie (last onder dwangsom of last onder bestuursdwang) krijgt de overtreder een hersteltermijn aangeboden waarbinnen de overtreding moet zijn beëindigd. Dit geldt niet voor besluiten die gericht zijn op het voorkomen van herhaling én in situaties waar het direct beëindigen van de activiteit noodzakelijk is (spoedeisende bestuursdwang). Als de overtreding na deze gestelde termijn niet is beëindigd, dan wordt de sanctie geëffectueerd.
Bij een dreigende overtreding of een dreigende illegale situatie kan de gemeente, in bepaalde situaties wanneer de overtreding met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid ook gaat plaatsvinden, ook een preventieve last onder dwangsom opleggen.
In samenhang met de bestuurlijke sanctie of los daarvan kan de strafrechtelijke sanctie worden toegepast. Strafrechtelijke instrumenten zijn:
Een proces verbaal (PV);
De bestuurlijke strafbeschikking (BSB).
Hiervoor heeft onze Omgevingsdienst BOA’s aangewezen die strafrechtelijk kunnen optreden binnen het domein II. Zie hiervoor de sanctiestrategie van de Omgevingsdienst. Bij strafrechtelijke handhaving is naast het bereiken van het gewenste gedrag tevens het bestraffende element van belang.
Passende reactie
Het overgaan tot dwangmaatregelen is een beslissing die goed overdacht dient plaats te vinden. De toe te passen sanctie moet proportioneel zijn en dient zoveel mogelijk transparantie te bieden.
Bij een last onder dwangsom geldt dit bijvoorbeeld voor de lengtes van begunstigingstermijnen en de hoogten van dwangsommen. De dwangsom dient voldoende prikkelend te werken, zodanig dat de overtreder de overtreding zal beëindigen. Bovendien mag de dwangsom niet zodanig hoog zijn dat deze als straf kan worden gezien:
Voor besluiten die niet gericht zijn op het voorkomen van herhaling kiezen we qua begunstigingstermijn voor een termijn waarbij de overtreder voldoende hersteltijd heeft én we langdurende overtredingssituaties voorkomen. Voor de onderbouwing van het besluit benutten we de landelijke leidraad, waarbij het praktisch haalbaar moet zijn om aan de last te kunnen voldoen. Verder is de te stellen termijn afhankelijk van de aard van de overtreding (er kan in principe met geen of een korte termijn worden volstaan bij gedragsvoorschriften) en mag de termijn niet zodanig lang zijn, dat sprake is van (impliciet) gedogen van de overtreding.
De hoogte van een dwangsom moet op grond van de Algemene wet bestuursrecht in redelijke verhouding staan tot de zwaarte van het geschonden belang en de beoogde werking van het opleggen van de dwangsom. Bij het onderbouwen van het besluit voor de hoogte van de dwangsom benutten we de landelijke leidraad. We relateren de hoogte van de dwangsom onder andere aan de aard en ernst van de overtreding, de potentiële schade en de kosten die moeten worden gemaakt om de overtreding ongedaan te maken. In ieder geval moet het bedrag belangrijk hoger zijn, dan het economisch voordeel dat met de overtreding wordt behaald. Het moet aantrekkelijker zijn de overtreding ongedaan te maken dan de dwangsom te betalen.
Het verbeuren van dwangsommen gebeurt van rechtswege.
Bij het opleggen van een last onder dwangsom wordt de overtreding, indien dit is toegestaan, ook opgenomen in de registratie van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen (Wkpb).
Het bevoegd gezag kan in sommige gevallen de vergunning ook geheel of gedeeltelijk intrekken als niet overeenkomstig de vergunning wordt gehandeld. Dit instrument wordt in onze gemeenten in uitzonderlijke gevallen toegepast als andere maatregelen geen effect sorteren.
Bij het bepalen van de sanctie die we opleggen volgen we de methodiek met onder meer verzwarende en verzachtende omstandigheden en interventiematrix uit de landelijke handhavingsstrategie (LHS).
Overtredingen door de eigen organisatie
De handhaving op de eigen organisatie is voor de gemeente niet anders dan wanneer zij handhavend optreedt tegen burgers of bedrijven. Belangrijk hierbij is de democratische controle en transparantie, ook indien er bestuurlijke en/of juridische complicaties ontstaan.
Er wordt geen verschil gemaakt in prioriteitstelling en keuze in handhavingsinstrument. Wel brengt een dergelijke overtreding een tweetal extra procedurestappen met zich mee voordat een sanctie wordt opgelegd:
Wordt een overtreding van de gemeentelijke organisatie geconstateerd dan wordt deze direct aan het management en/of het college van B&W voorgelegd.
Het management en/of het college van B&W zorgen ervoor, dat passende maatregelen worden genomen om de overtreding te beëindigen, deze in de toekomst te voorkomen en zo nodig de schade te herstellen.
Afzien van handhaven
In zeer uitzonderlijke situaties kan ons college verklaren dat wordt afgezien van handhaving. Deze is altijd aan een termijn gebonden en niet langer dan strikt genomen noodzakelijk. Daarbij onderschrijft onze gemeente het algemene landelijke beleidskader op het gebied van het gedogen, in de vorm van de rijksnota ‘Grenzen aan gedogen’ uit 1996.
We zien bij een overtreding alleen af van handhaving als wordt voldaan aan één of (bij voorkeur) meerdere van de volgende voorwaarden, waarbij ook weer aansluiting wordt gezocht bij het nationale beleidskader:
alleen in uitzonderingssituaties (overgangs- of overmachtssituatie, concreet zicht op legalisatie);
gedogen dient schriftelijk plaats te vinden, vooruitlopend op vergunningverlening en na het indienen van een ontvankelijke aanvraag;
beperkt in tijd/ernst;
expliciet en na zorgvuldig kenbare belangenafweging plaats te vinden evenals;
aan controle te zijn onderworpen.
In de volgende gevallen wordt niet afgezien van handhaven:
Indien aan de zijde van de overtreder sprake is van recidiverend dan wel calculerend gedrag;
Indien blijkt dat de te gedogen activiteit strijdig is met enige andere bij of krachtens wettelijk voorschrift gestelde regel en het voor de handhaving van die regel bevoegde gezag kenbaar heeft gemaakt dat het met bestuursrechtelijke handhavingsinstrumenten tegen deze overtreding optreedt dan wel zal optreden;
Bij bouwen zonder of in afwijking van een vergunning, tenzij sprake kan zijn van een tijdelijk bouwwerk;
Als belangen van derden zich daartegen verzetten.
Indien wordt afgezien van handhaven gelden de volgende procesvoorschriften:
Afzien van handhaving gebeurt schriftelijk en uitdrukkelijk;
Afzien van handhaving wordt zoveel mogelijk beperkt in omvang en/of in tijd;
Er moet sprake zijn van een zorgvuldige kenbare belangenafweging;
Afzien van handhaving is aan controle onderworpen.
Samenwerking bij het sanctioneren
In de interventiematrix uit de LHS is opgenomen bij welke type overtredingen afstemming plaatsvindt met partners die strafrechtelijke sancties kunnen opleggen.
In situaties waarbij een andere overheid ná of vóór ons college handhavingsbevoegd is, vindt afstemming plaats met de betreffende overheidsorganisatie.
Hoofdstuk 4
Artikel 4.4
Sanctie- en gedoogstrategie
Onderdeel van Uitvoerings- en handhavingsstrategie gemeente Medemblik 2023-2026