1.. De privacybeheerder adviseert de informatiebeheerder over de te maken afspraken en de rechtmatigheid van verstrekkingen als bedoeld in hoofdstuk 2 van dit reglement.

2.. De privacybeheerder stuurt na het nemen van een beslissing hierop het verzoek van een medewerker van een binnengemeentelijke afnemer om toegang te krijgen tot de BRP-gegevens via de inzageapplicatie door naar de functioneel beheerder ter implementatie.

3.. De privacybeheerder controleert door de functioneel beheerder geïmplementeerde verzoeken van medewerkers van binnengemeentelijke afnemers om toegang te krijgen tot de BRP-gegevens via de inzageapplicatie en rapporteert hierover aan de informatiebeheerder.

4.. De privacybeheerder zorgt voor de jaarlijkse bekendmaking van het recht op verstrekkingsbeperking, zoals voorgeschreven in artikel 3.21 van de Wet BRP.

5.. De privacybeheerder voorziet in samenwerking met de seniorgegevensbeheerder in actuele informatie en instructies op het gebied van de BRP. Daarbij wordt voorzien in wijzigingen in wet- en regelgeving, jurisprudentie en andere actualiteiten.

6.. De privacybeheerder zorgt voor de vormgeving en inhoud van documenten die aan de BRP worden ontleend, gezamenlijk met de functioneel beheerder en de seniorgegevensbeheerder.

7.. De privacybeheerder zorgt voor de (ondersteuning bij de) behandeling van de bezwaar- en beroepschriften voor zover hierbij privacyaspecten aan de orde zijn.

8.. De privacybeheerder zorgt voor het treffen van voorbereidingen, het coördineren van werkzaamheden, het uitvoeren van onderzoeken, het opstellen van instructies en uitvoeringsmaatregelen, het geven van aanwijzingen aan andere functionarissen en het rapporteren aan de informatiebeheerder op het gebied van de gegevensverstrekking uit de BRP, waaronder de desbetreffende onderdelen van de zelfevaluatie.

9.. De privacybeheerder volgt de aanwijzingen die krachtens dit reglement door de bevoegde functionarissen worden gegeven.