1. De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het algemeen en dagelijks bestuur.
2. Hij ondertekent daartoe met de secretaris alle van de bestuursorganen uitgaande stukken.
3. De voorzitter vertegenwoordigt het Instituut in en buiten rechte. Hij kan dit opdragen aan een door hem aangewezen gemachtigde. Indien de gemeente tot het bestuur waarvan hij behoort, partij is in een geding waarbij het Instituut is betrokken; oefent de plaatsvervangend voorzitter de bevoegdheid het Instituut in en buiten rechte te vertegenwoordigen uit.
Paragraaf
Artikel 15
Taken voorzitter
Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING SOCIALE WERKVOORZIENING ZUID-OOST UTRECHT