1. Wijziging van deze regeling kan geschieden, indien de meerderheid van de raden en colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten daartoe besluit. Een voorstel hiertoe kan uitgaan van het algemeen bestuur, of van de raad of het college van burgemeester en wethouders van een deelnemende gemeente.
2. Indien het voorstel uitgaat van het algemeen bestuur, zendt het bestuur dit voorstel aan de raden en colleges van burgemeester en wethouders, die binnen twee maanden na ontvangst daarvan hun besluiten, na verkregen toestemming van hun raden, aan het algemeen bestuur meedelen.
3. Indien het voorstel uitgaat van de raad of het college van burgemeester en wethouders van een deelnemende gemeente, zenden deze het voorstel aan het algemeen bestuur.
4. Het algemeen bestuur zendt het voorstel met zijn beschouwingen daaromtrent binnen twee maanden na ontvangst daarvan aan de raden en colleges van burgemeester en wethouders, die binnen twee maanden na ontvangst hun besluiten, na verkregen toestemming van hun raden, aan het algemeen bestuur meedelen.
5. Het algemeen bestuur geeft de raden en de colleges kennis van de genomen besluiten tot aanvaarden of verwerpen van de in dit artikel bedoelde voorstellen.
6. Een besluit tot wijzigen van deze regeling wordt ter kennisname gestuurd aan GS.
Paragraaf
Artikel 32
Wijziging en aanvulling van de regeling
Onderdeel van GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING SOCIALE WERKVOORZIENING ZUID-OOST UTRECHT