Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Awb wordt de subsidie in ieder geval geweigerd:
als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie onverenigbaar is met de interne markt;
als het betreft een aanvrager tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat ingevolge een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en onverenigbaar met de interne markt is verklaard;
Onverminderd het bepaalde in lid 1 weigert het college de subsidie in ieder geval als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een Europees steunkader omdat:
subsidie verstrekt zou worden aan een aanvrager die een onderneming drijft die in moeilijkheden verkeert als bedoeld in het desbetreffende steunkader, of
de subsidie geen stimulerend effect heeft als bedoeld in het desbetreffende steunkader.
Onverminderd het bepaalde in lid 1 en 2 kan het college de subsidie verder weigeren:
als de aanvraag buiten het daartoe aangewezen tijdvak wordt ingediend;
als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen;
als de te subsidiëren activiteiten behoren tot de reguliere activiteiten van de aanvrager;
Als aan een deelnemende partij of de partijen gezamenlijk al een subsidie is verleend voor dezelfde activiteiten.
Als de minimale projectomvang voor subsidiering van een project, berekend op basis van de uitgangspunten van artikel 14, minder bedraagt dan EUR 25.000,=.
Indien na subsidieverlening blijkt dat toch sprake is van hetgeen in lid 1 tot en met 3 is vermeld, of in strijd met de subsidievoorwaarden wordt gehandeld, kan het college de subsidie wijzigen dan wel intrekken.
Het college vordert een subsidie met wettelijke rente terug als dit nodig is ter uitvoering van een terugvorderingsbesluit van de Europese Commissie of een onherroepelijke rechterlijke uitspraak.
Hoofdstuk I.
Artikel 10