Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 Awb is digitaal en bestaat uit een geluidsopname van de hoorzitting.
De geluidsopname wordt in de regel niet schriftelijk verwerkt.
Op verzoek van de bezwaarmaker, het bestuursorgaan of een (derde)belanghebbende stelt de commissie de geluidsopname digitaal ter beschikking. Indien er sprake is van omstandigheden die daartoe aanleiding geven, kan de commissie toezending weigeren. In dat geval wordt een schriftelijk verslag verstrekt.
In afwijking van het tweede lid wordt de geluidsopname alsnog schriftelijk uitgewerkt indien:
de behandeling van een bezwaarschrift wordt aangehouden tijdens een hoorzitting en er een nieuwe hoorzitting wordt ingelast, of;
de bezwaarmaker of het bestuursorgaan daar om verzoekt, of;
een gerechtelijke instantie daar om verzoekt in geval van een (hoger) beroepsprocedure.
Het schriftelijke verslag vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid en houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter hoorzitting is voorgevallen.
Het schriftelijke verslag verwijst naar de op de hoorzitting overlegde bescheiden, die bijgevoegd worden aan het verslag.
Het schriftelijke verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris.
Ten aanzien van de archivering is hetgeen in artikel 21 bepaald van toepassing.