Indien na afloop van de hoorzitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek houden.
De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, de bezwaarmaker, het bestuursorgaan en (derde)belanghebbenden toegezonden.
De leden van de commissie, de bezwaarmaker, het bestuursorgaan en (derde)belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op een dergelijke verzoek.
Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.
Indien besloten wordt nader onderzoek te houden, houdt de commissie de behandeling van het bezwaarschrift aan. Artikel 20, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.