Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.5

Onderzoek (artikel 2.6 verordening)

Onderdeel van Nadere regels jeugdhulp Westervoort 2023

1.. Naar aanleiding van een melding wordt een onderzoek uitgevoerd volgens het stappenplan uit artikel 2.6 van de verordening. 2.. Bij het vaststellen van de aard en omvang (stap 3) wordt alle benodigde hulp voor het wegnemen of verminderen van de problemen in kaart gebracht. Dit zijn dus zowel hulp op eigen kracht, voorliggende voorzieningen als individuele voorzieningen. 3.. Het onderzoek vindt plaats door middel van een gesprek met de jeugdige en zijn ouder(s). Het is wenselijk dat de jeugdige, indien mogelijk, zelf ook bij het onderzoek wordt betrokken. Indien de consulent of de cliënt dit wenselijk of noodzakelijk acht, worden eventuele mantelzorgers, de onafhankelijke cliëntondersteuner, familieleden of reeds aanwezige hulpverleners bij het onderzoek betrokken. 4.. De consulent kan, in het belang van het onderzoek, een reden hebben om de jeugdige of zijn ouders(s) (ook) alleen te spreken, bijvoorbeeld als de veiligheid in het geding is (denk aan seksueel geweld, eergerelateerd geweld, loverboy problematiek). 5.. Om de behoefte aan jeugdhulp helder te krijgen is het soms nodig advies in te winnen bij een (onafhankelijk) deskundige. Eén van de deskundigen die kan worden ingeschakeld is een medisch adviseur of een gedragsdeskundige. De consulent kan er ook voor kiezen om consultatie te vragen bij een jeugdhulpaanbieder.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel