1. Voor de uitvoering van deze subsidieregeling loopt een subsidiejaar van 1 januari t/m 31 december. Een subsidietijdvak behelst een periode van 4 jaar, waarbij het eerste tijdvak aanvangt op 1 januari 2024, het tweede op 1 januari 2028 en zo verder. Een aanvraag voor een subsidie op grond van deze uitvoeringsregeling voor het tijdvak 2024-2027 wordt gedaan uiterlijk op 1 december 2023. Een aanvraag voor een subsidie wordt voor de opvolgende subsidietijdvakken gedaan uiterlijk 1 september in het jaar voorafgaand aan de periode van 4 jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.

2. Wanneer eenmaal de aanvraag is beschikt voor een periode van vier jaar, dan hoeft de aanvrager voor het tweede, derde en vierde jaren geen nieuwe aanvraag te doen.

3. Subsidies, op basis van deze uitvoeringsregeling verstrekt, worden door het college:

a. direct vastgesteld of;

b. ambtshalve vastgesteld binnen 13 weken, na eindiging van een subsidietijdvak.

4. Bij een ambtshalve vaststelling als bedoeld in het derde lid, onderdeel b, kan het college de aanvrager verplichten om op de door haar aangegeven wijze aan te tonen dat de wijk- of dorpsraad voldoet aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen.

5. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid, kan een wijk- of dorpsraad die is opgericht voor 1 januari 2023 tot 1 september 2024 nog een aanvraag indienen voor het subsidietijdvak 2024 – 2027, in het geval dat op 1 december 2023 nog niet werd voldaan aan het bepaalde in artikel 4, tweede lid, uit deze regeling.

6. Als de wijk- of dorpsraad gedurende een subsidietijdvak haar taken neerlegt of wordt opgeheven dan wordt de toegekende subsidie voor de opvolgende subsidiejaren in het subsidietijdvak beëindigd en teruggevorderd.