Laadpleinen: We geven de voorkeur aan het plaatsen van laadpalen op grote parkeerpleinen, parkeerhofjes, parkeerstroken en parkeerterreinen met minimaal 4 naast elkaar gelegen vakken, zodat er mogelijkheid is tot (strategische of datagestuurde) uitbreiding naar laadpleinen.
Concentreren: Zodra er voldoende dekking is bereikt in een omgeving heeft het clusteren van laadpalen altijd de voorkeur boven losse laadpalen in de openbare ruimte. Hiermee voorkomen we versnippering.
Gezamenlijke netaansluiting: Bij het clusteren en uitbreiden geven we de voorkeur aan het realiseren van laadpleinen op een gezamenlijke netaansluiting en/of het gebruiken van een bestaande netaansluiting van een bestaande laadpaal binnen dezelfde concessie.
Aanlegwerkzaamheden: We geven de voorkeur aan het plaatsen van laadpalen aan de kant van de straat waar ook het laagspanningsnet ligt. Dit zorgt voor minder graafwerkzaamheden, een kortere aansluitkabel en minder impact op de omgeving.
Inpasbaarheid: We geven de voorkeur aan het plaatsen van laadpalen op locaties die goed inpasbaar zijn in de ruimte, zijnde: niet in het groen (struiken, bosschages, beeldbepalende groenstructuren), in de buurt van woningen zonder eigen oprit, tegen blinde gevel, verlichte locaties, sociaal veilige locaties.
Aanvrager: Bij voorkeur wordt een laadpaal niet op het parkeervak voor de deur van een eventuele aanvrager geplaatst, om te voorkomen dat aanvrager en omwonenden het laadpunt ervaren als ‘eigen’.
Parkeersituatie: Bij de locatiekeuze houden we waar mogelijk rekening met de parkeersituatie en parkeerdruk, maar zijn de technische mogelijkheden doorslaggevend.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2
Artikel 3.2.2
Wensen reguliere publieke laadinfrastructuur
Onderdeel van Plaatsingsregels Almere 2023