Onverminderd het bepaalde in artikel 13 van de Algemene subsidieverordening wordt de subsidie in ieder geval geweigerd als:
a. De gelden niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor de subsidie beschikbaar wordt gesteld;
b. De subsidieverstrekking niet past binnen het door de gemeenteraad of het college vastgestelde beleid;
c. De aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten ontplooit die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;
d. Naar het oordeel van het college gegronde twijfels bestaan over de levensvatbaarheid of de kredietwaardigheid van de aanvrager.