Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.2

Preventieve maatregelen

Onderdeel van Amsterdams beleidskader dance events

Preventieve maatregelen in relatie tot de gezondheidsrisico’s bij dance-evenementen richten zich op vier typen activiteiten, namelijk: monitoring/onderzoek, het testen van drugs, voorlichting, en het controleren van omgevingsfactoren. 2.2.1 Monitoring van middelengebruik en van de kwaliteit van het aanbod Het aanbod en gebruik van uitgaansdrugs is onderhevig aan trends. Bovendien zien we in deze markt ook de meeste vervuilingen. Dit betekent dat het preventiebeleid gericht op dit type genotmiddelen op deze veranderingen moet kunnen inspelen. In Amsterdam hebben we de beschikking over verschillende (periodieke) monitors in relatie tot drugs en druggebruik (zie kader). Deze monitors geven ons informatie over grofweg drie aspecten rondom drugs en druggebruik: inzicht in het gebruik (onder bepaalde groepen), inzicht in (de kwaliteit van) het aanbod en informatie over de omvang van de incidenten ten gevolge van middelengebruik. De informatie uit deze monitors wordt voor verschillende doelen gebruikt: 1. voorlichting aan de gebruiker, 2. informeren van hulpverleners en eerstelijnszorg, en 3. input voor beleid. Verschillende Amsterdamse monitors genotmiddelen Voor het monitoren van genotmiddelen maken we gebruik van kwalitatieve en kwantitatieve gegevens, en gegevens die inzicht geven in het aanbod en gebruik op de korte en lange termijn. Belangrijke kwantitatieve monitors die inzicht geven in het gebruik onder grotere groepen Amsterdammers zijn: Antenne, Amsterdamse Gezondheidsmonitor, Peilstation en Elektronische Monitor en Voorlichting (E-MOVO). Daarnaast hebben we meer kwalitatieve monitors over gebruik via de panelnetwerken van Antenne en via de teststations. Deze teststations geven ook inzicht in de kwaliteit van drugs. Als middelen worden aangetroffen die een bedreiging vormen voor de volksgezondheid, kan zowel landelijk als lokaal in Amsterdam alarm worden geslagen. Voor informatie over gezondheidsincidenten analyseert de GGD de gegevens van de Meldkamer Ambulancezorg rondom middelengerelateerde ambulanceritten. Vanaf 2015 betrekken we daarbij ook de gegevens van EMS en Med Event, die op een groot aantal dance-evenementen verantwoordelijk zijn voor de eerste hulp. Om tot een meer samenhangende monitor van het gebruik en aanbod van drugs te komen, is een voorstel gedaan in de beleidsbrief Preventie Genotmiddelenbeleid (van de wethouder zorg aan de commissie KSZ, dd 30-01-2013). Beleidplatform preventie genotmiddelen Om de informatie die uit de verschillende vormen van monitoring naar voren komt op waarde te kunnen schatten, en te vertalen naar de praktijk van preventie is in 2008 een beleidsplatform preventie genotmiddelen ingesteld, bestaande uit Jellinek, Stichting Adviesburo Drugs en GGD Amsterdam. Het beleidsplatform heeft ondermeer tot doel om het College eenduidig te adviseren ten aanzien van het preventiebeleid van genotmiddelen gebruik. Hiervoor worden de uitkomsten uit de diverse monitors beoordeeld op relevantie en kwaliteit voor het preventiebeleid in Amsterdam. Naast continuering van haar reguliere activiteiten zal het platform de komende tijd benutten om de verschillende bronnen van monitoring meer met elkaar te verbinden. Inzet is één Amsterdamse monitor waarin de uitkomsten van de verschillende bronnen in samenhang worden beschreven. Een eerste prototype zal eind 2015 gereed zijn. Hoe werkt DIMS? Het Drugs Informatie en Monitoring Systeem (DIMS) verzamelt informatie over de samenstelling van uitgaansdrugs via een landelijk netwerk van 23 teststations verdeeld over 22 plaatsen in Nederland. Het netwerk wordt voornamelijk gevormd door instellingen voor verslavingszorg (IVZ's). Het DIMS-bureau op het Trimbos-instituut coördineert het landelijke DIMS-netwerk.Bij een van de teststations kan een consument anoniem drugs laten testen. Er wordt eerst een sneltest uitgevoerd op basis waarvan een sample kan worden herkend. Dat wil zeggen dat deze overeenkomt met een sample in de DIMS-database van eerder in het laboratorium geteste drugs. Als dat zo is, kan er direct een uitslag worden gegeven. Zo niet, dan is de keuze aan de consument om het sample op te sturen naar het laboratorium. In dat geval duurt het een week voordat er een uitslag is. De resultaten van beide testen zijn 99% betrouwbaar. De uitslag vertelt zowel de dosis (in geval van XTC de milligrammen) MDMA, als de andere stoffen die aanwezig zijn in het sample. Op basis van de aangeboden samples kan het DIMS goed volgen wat er op de markt van uitgaansdrugs te koop is. Op basis van trends in het aanbod en gebruik van drugs kunnen actuele risico-analyses worden opgesteld. Wanneer drugssamples worden aangetroffen die stoffen bevatten met een acuut gevaar voor de volksgezondheid kan zonodig direct gewaarschuwd worden (Red Alert). Naast de monitoring functie gaat het testen altijd gepaard met voorlichting aan degenen die hun drugs komen testen. Via hen wordt de informatie in hun netwerk verder gecommuniceerd. Het is een uitgelezen mogelijkheid om in contact te komen met een doelgroep die moeilijk te bereiken is. 2.2.2 Teststations In Amsterdam bestaan twee teststations (Stichting Adviesburo Drugs en Jellinek), waar gebruikers hun drugs kunnen laten testen. Doordat gebruikers hun drugs laten testen, wordt waardevolle informatie verzameld over de samenstelling van de middelen en de risico’s die gebruikers lopen. Als middelen worden aangetroffen die een bedreiging vormen voor de volksgezondheid, kan alarm worden geslagen (Red Alert). Met het oog op riskant gebruik hebben deze teststations een belangrijke voorlichtende functie aan de gebruiker. Deze informatie wordt ook gebruikt voor het informeren van hulpverleners en eerstelijnszorg. Zo wordt jaarlijks een aantal keer een analyse gedaan over de op dat moment in omloop zijnde middelen en het gebruik van drugs. Dit met het oog op de voorbereiding van grote evenementen in de stad, zoals Nieuwjaar en Koningsdag. Deze analyse wordt verspreid onder (medische) professionals die betrokken zijn bij een veilig verloop van evenementen om zo goed voorbereid te zijn. Testen op de dansvloer Aan druggebruik zijn risico’s verbonden en die zijn te beperken met een goede voorbereiding. Het helpt als drugs getest kunnen worden zodat je de samenstelling van het middel weet. De gemeente vindt het daarom belangrijk dat deze testfaciliteiten er zijn, maar acht het niet wenselijk om deze faciliteiten ook aan te bieden op de dansvloer. Belangrijke afweging daarin is dat we streven naar drugsvrije feesten en dat de inzet van organisatoren en beveiliging daar ook op is gericht. Het is een vreemd signaal als bezoekers na de fouillering alsnog hun drugs kunnen laten testen. Bovendien is er een enorme hoeveelheid evenementen (vaak ook tegelijkertijd) en een beperkte capaciteit aan breed inzetbare deskundigheid. Daarnaast biedt het testen van drugs bij een teststation een aantal voordelen boven testen op de dansvloer. Een geteste pil is namelijk geen garantie voor het uitblijven van problemen. De persoon die drugs gebruikt en de omgeving waarin dat gebeurt, zijn mede bepalend voor hoe de effecten verlopen. Het is belangrijk dat gebruikers van uitgaansdrugs dat weten. Voor deze preventieve informatie-uitwisseling is op een teststation veel meer gelegenheid. De gemeente ziet daarom meer in het verbeteren van de testfaciliteiten. 2.2.3 Voorlichting Voor alcohol, tabak en cannabis vindt een belangrijk deel van de voorlichting plaats via de scholen. Echter, voor uitgaansdrugs is dit minder het geval, omdat de beperkte omvang van het gebruik zich niet goed leent voor klassikale voorlichting. Voor uitgaanspubliek zijn andere ingangen nodig om de juiste informatie bij specifieke groepen te krijgen. Landelijk en lokaal is informatie beschikbaar via websites en flyers. In Amsterdam is Unity op grote en kleine dance-events aanwezig om uitgaanders te informeren over de verschillende genotmiddelen. Unity verzorgt peer to peer educatie en werkt met getrainde vrijwilligers uit de dance scene die voorlichting geven in de dance scene. Het beoogt de risico’s van het gebruik van uitgaansdrugs zoveel mogelijk te beperken. Naast de aanwezigheid op dance-evenementen is Unity ook online actief. Afgelopen zomer (2014) is vanuit de evenementenbranche, in samenwerking met Unity, gestart met de ontwikkeling van een campagne gericht op de gezondheid van uitgaanders, onder de titel Celebrate Safe (zie kader). Het gaat om een groot aantal organisaties en festivals gelieerd aan ID&T. De gemeente ziet dit als een positieve ontwikkeling en zal dit met veel belangstelling volgen. Van belang daarbij is dat de inhoud van de boodschap klopt en is afgestemd met de GGD. Celebrate safe Afgelopen zomer hebben alle aan ID&T gelieerde festivals en organisaties (o.a. Mysteryland, Q-Dance, Air Events en B2S) en Unity de handen ineen geslagen om een campagne te ontwikkelen die specifiek gericht is op de bezoekers van deze evenementen. Door de campagne met de naam Celebrate Safe worden bezoekers bewust gemaakt van de mogelijke risico’s die verbonden zijn aan uitgaan. Op basis van 10 kernboodschappen wordt, zowel via de online kanalen als op de evenementen zelf, op een laagdrempelige, niet belerende manier bezoekers verteld hoe zij bewust en veilig kunnen feesten. Naast aandacht voor risico’s van het gebruik van alcohol en of drugs wordt onder andere ook aandacht besteed aan veilige seks en safe drive. De voertaal is Engels waarmee de campagne zich ook richt op de buitenlandse bezoekers van evenementen. De aangesloten organisatoren die Celebrate Safe ondersteunen zetten zich al langere tijd in voor het organiseren van veilige evenementen en vonden het tijd zelf het initiatief te nemen voor een voorlichtingscampagne. In Amsterdam is het initiatief genomen om deze campagne open te stellen voor andere organisatoren en clubs om er op deze manier een sectorbrede campagne van te maken. 2.2.4 Waarschuwingscampagnes (Red Alert) Het Red Alert team in Amsterdam bestaat uit Adviesburo drugs, GGD en Jellinek. Het Red Alert team komt binnen 24 uur bij elkaar na een signaal dat er vervuilde middelen op de markt zijn met een verhoogd risico op gezondheidsincidenten. Deze signalen kunnen komen van de verschillende testservices uit het DIMS-netwerk, van het coördinerende orgaan Drugs Informatie en Monitorings Systeem (DIMS, Trimbos-instituut) of via incidenten die gemeld zijn door de eerste hulp op evenementen, Spoedeisende Hulp of politie. Bij een dergelijk signaal kijkt het Red Alert team in overleg met het DIMS naar het acute risico van het middel, de verspreiding van het middel en de doelgroep die het middel gebruikt. Op basis van deze punten wordt een risicoschatting gemaakt en een aanpak gekozen. De aanpak kan variëren van alleen hulpverleningsinstanties op de hoogste stellen, tot gericht waarschuwen van een bepaalde doelgroep, bijvoorbeeld via posters en social media gericht op een bepaalde scene. Zonodig kan worden opgeschaald tot een Red Alert waarbij bij alle vindplaatsen van de potentiële doelgroep posters worden opgehangen, personeel wordt ingelicht en via internet, social media en traditionele media de waarschuwing bekend wordt gemaakt. Het beëindigen van de Red Alert gebeurt ook weer in overleg. Waarna een evaluatie volgt. Naast het Amsterdamse Red Alert team is het ook mogelijk dat het landelijk DIMS-bureau zelf initiatief neemt tot een landelijke waarschuwingscampagne.

Rechtspraak bij dit artikel