**1..** Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6, trekt de burgemeester de vergunning in, indien:
ter verkrijging van de vergunning gegevens zijn verstrekt die zodanig onjuist of anders blijken te zijn, dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen, als bij de beoordeling daarvan de juiste omstandigheden volledig bekend waren geweest;
door de wijze van exploitatie de openbare orde op ontoelaatbare wijze wordt geschonden of dreigt te worden geschonden;
zich in de betrokken openbare inrichting feiten of omstandigheden hebben voorgedaan die de ernstige vrees wettigen dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar oplevert voor de openbare orde;
op verzoek van de vergunninghouder(s).
**2..** De burgemeester kan de vergunning intrekken indien een der vergunninghouders dan wel de enige vergunninghouder als zodanig niet meer aan het rechtsverkeer kan deelnemen.
**3..** Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 kan de burgemeester de vergunning intrekken indien: er aanwijzingen zijn dat in de openbare inrichting personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet 2000 bepaalde.
**4..** De vergunning vervalt indien:
binnen een termijn van 24 weken na de dagtekening van de vergunning
geen gebruik is gemaakt van de vergunning, anders dan wegens overmacht;
de exploitatie van het horecabedrijf voor een periode van langer dan twaalf weken is of wordt onderbroken, anders dan wegens overmacht;
voor dezelfde openbare inrichting een nieuwe vergunning als bedoeld in artikel 2:28 van kracht wordt.
Hoofdstuk 1
Artikel 2:28
c Intrekkingsgronden en vervallen vergunning
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Landgraaf 2023