Scenario 1, 2 en 3 hebben voldoende positieve effecten op de doelstellingen van dit beheerplan.
Vergelijk op doelstellingen
Scenario 3 scoort beter op veiligheid, omdat in dezelfde periode (tot en met 2030) een groter deel van het areaal verbeterd wordt, hetgeen ook de kwaliteit ten goede komt.
De exploitatiekosten zijn bij scenario 1 het hoogst en bij scenario 3 het laagst, echter de exploitatielasten zijn bij scenario 2 het gunstigst vanwege de lagere kapitaallasten. Daarom sluit scenario 2 vanwege een betere score op kostenefficiënt beter aan bij de missie en visie van de gemeente voor openbare verlichting:
“Een aantrekkelijk en doelmatig areaal openbare verlichting, dat optimaal bijdraagt aan een veilige omgeving voor de burger op de langere termijn, waarbij de openbare verlichting effectief, kostenefficiënt en duurzaam in stand wordt gehouden, tegen maatschappelijk aanvaardbare kosten en door standaardisering en planmatig onderhoud kosten worden beperkt”.
Alle scenario’s scoren hetzelfde op duurzaamheid, maar met als verschil dat in scenario 1 geen kapitaal vernietigd wordt (vervroegd vervangen armaturen), terwijl in scenario 2 en 3 het energieverbruik eerder afneemt. Met alle scenario’s wordt ruimschoots aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord voldaan (in 2030 50% energiebesparing t.o.v. 2013). Deze doelstelling wordt in scenario 3 zelfs al in 2023 bereikt, de overige scenario’s in 2024.