1). Het college stelt per kalenderjaar het subsidieplafond vast voor de in artikel 4 genoemde activiteiten.

2). Het college stelt voor het jaar 2026 voor de in artikel 4 genoemde activiteiten het subsidieplafond vast op €9.900.751 met de volgende, daarbij behorende deelplafonds:

  • - intake, screening en casusregie en ketenregie € 980.473,-;
  • - woonbegeleiding € € 5.968.405,-;
  • - juridische begeleiding, casemanagement en maatschappelijke begeleiding € 1.312.596,-;
  • - toekomstoriëntatie en terugkeerbegeleiding, casemanagement en maatschappelijke begeleiding € 1.050.760,-;
  • - participatie aanbod € 400.505,-;
  • - aanvullende begeleiding van bijzondere doelgroepen € 188.009 euro.

3). het college kan voor het eerste half jaar en voor het tweede half jaar van het jaar 2025 elk een apart plafond vaststellen voor de in artikel 4 genoemde gezamenlijke activiteiten en dat tezamen met de deelplafonds voor de te onderscheiden activiteiten.