Inspectie
Ieder jaar bepaald de gemeente welke riolen geïnspecteerd moeten worden en dit wordt vastgelegd in het operationeel programma. Dit wordt bepaald op basis van de leeftijd van de riolering, de resultaten uit de voorgaande inspectierondes, geplande werkzaamheden aan de wegen en vitale punten in het rioolstelsel. Vitale punten in het rioolstelsel betreffen locaties waar het bezwijken en/of falen van de riolering een grote impact heeft op het totale systeem functioneren en/of op de omgeving. Als ingrijpen nog niet noodzakelijk is, wordt de situatie intensiever gemonitord door regelmatiger (jaarlijks) te inspecteren.
De inspectieresultaten worden beoordeeld waarbij de tabel met waarschuwings- en ingrijpmaatstaven per toestandsaspect wordt gebruikt, die in bijlage 6 is weergegeven, en de theoretische systematiek KIC-HKF. Op basis van de inspecties uit het verleden is geconstateerd, dat de meest relevante faalmechanismen in de vrijverval riolering biochemische aantasting en zwetende naden zijn. Hieraan zal bij toekomstige inspecties veel aandacht worden besteed.
Direct na de uitvoering van rioleringswerkzaamheden wordt een opleveringsinspectie uitgevoerd. Door middel van de opleveringsinspectie wordt de begintoestand van de riolering vastgelegd. Als uit de opleveringsinspectie blijkt, dat er cruciale gebreken in de riolering aanwezig zijn, die de te verwachten leeftijd van de riolering ernstig kunnen beperken, dan dienen deze gebreken gerepareerd te worden door de aannemer.
Bij bestaande riolering of nieuw aangelegde voorzieningen die in beheer worden overgenomen door de gemeente, wordt eerst een opleveringsinspectie uitgevoerd om de toestand van de riolering vast te leggen.
Reiniging
In de loop van de tijd kan de riolering vervuild raken, doordat vaste stoffen in het rioolwater bezinken. Deze vervuiling kan ervoor zorgen dat afvoercapaciteit van de riolering afneemt en daarmee de kans op (water)overlast toeneemt. Om deze kans op (water)overlast niet te veel te laten toenemen, dient de riolering regelmatig gereinigd te worden. Ieder jaar bepaald de gemeente welke riolen gereinigd moeten worden en dit wordt vastgelegd in het operationele plan. Dit wordt bepaald op basis van ervaringen uit het verleden. Riolen waarvan bekend is dat deze snel vervuilen, worden frequenter gereinigd dan andere riolen.
Voorafgaand aan de uitvoering van een inspectie van de riolering wordt de riolering gereinigd.
Kolken bevatten een zandvang, die ervoor zorgt dat vuil dat meegevoerd wordt vanaf de straat niet in het riool komt. Om te voorkomen dat de kolk verstopt raakt met het vuil dat wordt afgevangen, dienen de kolken regelmatig leeggezogen te worden. De frequentie waarmee de kolken gereinigd worden, hangt af van de mate van vervuiling. Op basis van praktijkervaring wordt, totdat er een meer risico gestuurde aanpak is ontwikkeld, per gebied de benodigde frequentie bepaald.
De gehanteerde reinigingsfrequenties zijn weergegeven in de onderstaande tabel:
Tabel 5 1 Reinigingsfrequenties
Activiteit
Reinigingsfrequentie
Schoonspuiten gemalen
3x per jaar
Kolken zuigen
2x per jaar
Reiniging infiltratieriolen
1x per 10 jaar
Hogedruk reiniging riolen Dwa
1x per 10 jaar
Hogedruk reiniging riolen Hwa
1x per 10 jaar
Om bovenstaande reinigingsfrequenties te handhaven is het belangrijk de straten voldoende te vegen en op het juiste moment bladeren te ruimen. Vuil van de straat komt tenslotte met afstromend regenwater terecht in de kolken en bij een volle zandvang heeft straatvuil de kans om in de rioolbuis te geraken. Bladeren van de bomen vergroten de kans op verstoppingen van kolken en rioolbuizen.
Reiniging drukriolering
In het buitengebied wordt het afvalwater via kleine persleidingen afgevoerd. Om te voorkomen dat de afvoercapaciteit van deze relatief kleine leidingen afneemt, moet een persleiding periodiek met een foampig ontdaan worden van vuil-aangroei aan de binnenkant van de leidingwand. De foampig is een kunststof prop die door de leiding wordt gestuwd. In deze planperiode wordt hiervoor een onderhoudsstrategie opgesteld.
Reiniging drainage
Voor een goede werking van nieuw aangelegde drainagebuizen worden deze voor de definitieve oplevering nog een keer doorgespoten zodat de buis goed schoon is. Ook kan zo worden gecontroleerd of de buis goed is aangelegd. In deze planperiode wordt een onderhoudsstrategie opgesteld om ook tijdens het gebruik het functioneren van de drainage te blijven borgen.
Rioolgemalen
De rioolgemalen zijn een cruciaal onderdeel bij het transport van afvalwater. Storing aan een gemaal is niet eenvoudig te voorspellen maar kan, door overstortingen van afvalwater, wel grote milieugevolgen hebben voor de omgeving. Het voorkomen van storingen is dus erg belangrijk. Voor alle gemalen zijn daarom onderhoudscontracten afgesloten, zodat jaarlijks inspectie en preventief onderhoud is gewaarborgd.
Daarnaast zijn alle gemalen voorzien van een gemaalcomputer en via telemetrie aangesloten op de hoofdpost. Via deze hoofdpost wordt de werking van de gemalen op ieder moment gecontroleerd. Ook een storing (bijvoorbeeld pompuitval) komt via de hoofdpost binnen waarna automatisch de storingsdienst wordt gewaarschuwd. Op deze manier is de bedrijfszekerheid gewaarborgd en worden calamiteiten, zoals lozingsproblemen en overstorten van rioolwater op het oppervlaktewater voorkomen.
Het beheer van de hoofdpost en de dagelijkse controle of de gemalen nog naar behoren functioneren wordt uitbesteed aan een derde partij, omdat binnen de eigen gemeentelijke organisatie hiervoor onvoldoende tijd beschikbaar is. Hierbij behoudt de gemeente wel de mogelijkheid om de hoofdpost te benaderen.
Drukriolering
Het buitengebied van Midden-Delfland is veelal voorzien van drukriolering. De gemeente beheert 440 pompunits. Jaarlijks worden gemiddeld circa 25 pompen vervangen (levensduur gemiddeld ca. 15 jaar). Gemiddeld 1 keer per 3 jaar krijgt een pompunit groot preventief onderhoud. Klein preventief onderhoud vindt jaarlijks plaats. Het onderhoud (wanneer en wat is vervangen, storingen, etc.) wordt in een digitaal logboeksysteem bijgehouden.
Hoofdstuk 5 › Paragraaf 5.1
Artikel 5.1.4
Reiniging & inspectie
Onderdeel van Water en Rioleringsprogramma 2024-2030