Naast de normhoogte, die bepaald wordt door de functie en de ligging van een ontwikkeling, zijn er andere aspecten, die de uiteindelijke hoogte van de parkeereis bepalen. Zo moet bij de parkeereis gekeken worden naar de parkeerbehoefte op het maatgevend moment, ofwel het moment waarop de totale parkeerbehoefte van een ontwikkeling het grootst is. Het kan voorkomen dat parkeerplaatsen op verschillende momenten door verschillende doelgroepen gebruikt worden (dubbelgebruik), waardoor er per saldo minder parkeerplaatsen nodig zijn.
Bij realisatie van de parkeereis is verder het uitgangspunt dat deze binnen de contouren van de ontwikkeling wordt gerealiseerd. Dat kan een plangebied zijn als er een woonbuurt wordt gerealiseerd, maar ook een kavel bij een individueel initiatief. Het is daarnaast overigens ook toegestaan om beschikbare (private) parkeerruimte in de nabijheid van een ontwikkeling aan te kopen om aan de parkeereis te voldoen, mits dit op acceptabele loopafstand is. Meer hierover is te vinden in paragraaf 5.2.3. De maximale acceptabele loopafstanden worden toegelicht in paragraaf 4.1.1.
Verder is de ontwikkelende partij uitsluitend verantwoordelijk voor de parkeerbehoefte, die door de ontwikkeling zelf wordt veroorzaakt. Dat betekent dat parkeerbehoefte van een functie, die door de ontwikkeling komt te vervallen (bijvoorbeeld door sloop) in mindering mag worden gebracht op de parkeereis. Een eventueel bestaand tekort in de omgeving kan niet op de ontwikkeling worden afgewenteld.
2.2.1Dubbelgebruik
De parkeernorm geeft de parkeerbehoefte op basis van de functie. Bij een ontwikkeling met meer functies kunnen parkeerplaatsen soms dubbel gebruikt worden, als de parkeerbehoefte van die functies op verschillende momenten in de tijd ligt. Zo worden parkeerplaatsen bij woningen vooral ’s avonds en ’s nachts gebruikt, terwijl parkeer-plaatsen bij bedrijven juist overdag de hoogste bezetting kennen. Hierdoor hoeven voor ontwikkelingen met meerdere functies minder parkeerplaatsen te worden aangelegd. Dubbelgebruik wordt niet toegepast bij bewoners en bezoekers, als er uitsluitend sprake is van een woonfunctie.
Voorwaarde voor dubbelgebruik is, dat de parkeerplaatsen volledig uitwisselbaar zijn. Dat wil zeggen dat een plaats bij dubbelgebruik niet kan worden toegewezen aan een bepaalde woning of doelgroep, omdat dubbelgebruik dan vanzelfsprekend niet mogelijk is. In het kader van een zo efficiënt mogelijke benutting van de parkeerruimte is het wenselijk daar waar mogelijk te kiezen voor zoveel mogelijk, voor eenieder toegankelijke plekken.
De mate van dubbelgebruik, die dus alleen kan worden toegepast bij menging van functies en volledige uitwisselbaarheid, is vastgelegd in aanwezigheidspercentages. Voor elke functie is bepaald, wat de parkeerbehoefte per moment is. Die parkeerbehoefte wordt voor alle functies per moment opgeteld, waarbij het moment met de hoogste totale parkeerbehoefte maatgevend is. Hierbij wordt uitgegaan van aanwezigheidspercentages van het CROW. Deze zijn te vinden in bijlage 4.
Hierbij zal scherp in de gaten gehouden worden, dat dubbelgebruik niet leidt tot te hoge parkeerdruk, doordat de overlap tussen functies op sommige momenten toch te groot is. Mocht dat in de praktijk blijken, dan kunnen de aanwezigheidspercentages van die betreffende functies bij actualisatie van de Nota Parkeernormen worden aangepast door de raad.
2.2.2Sloop, nieuwbouw of transformatie
Als bij een nieuwe ontwikkeling sprake is van sloop en nieuwbouw of er wordt in een bestaand gebouw een nieuwe functie gerealiseerd (transformatie), dan mag de autoparkeerbehoefte van de oude functie in mindering worden gebracht op die van de nieuwe functie. Zowel de nieuwe als de oude functie worden daarbij volgens de geldende norm beoordeeld. Zo hoeft dus alleen het verschil aan parkeerbehoefte tussen de oude en de nieuwe functie te worden gerealiseerd.
Voorwaarde hierbij is, dat de oude functie tot maximaal 5 jaar geleden nog in gebruik moet zijn geweest. Verder is belangrijk, dat de bestaande autoparkeercapaciteit behouden wordt. Als dat niet het geval is, dan moeten vervallen autoparkeerplaatsen vanzelfsprekend worden gecompenseerd.
Hoofdstuk 2.
Artikel 2.2
Totstandkoming parkeereis
Onderdeel van Nota Parkeernormen Leidschendam-Voorburg 2023