Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.1

Nadere invulling autoparkeereis

Onderdeel van Nota Parkeernormen Leidschendam-Voorburg 2023

Aan de invulling van de autoparkeereis zijn de volgende voorwaarden verbonden; 4.1.1Maximale loopafstanden Bij realisatie van de parkeereis wordt uitgegaan van maximaal geaccepteerde loopafstanden afhankelijk van de functie. Die bepalen de maximale afstand waarop parkeerplaatsen van de functie gerealiseerd kunnen worden. Deze afstanden zijn ten opzichte van de eerdere parkeernormen en de CROW-richtlijn voor bepaalde functies en gebieden verhoogd. Dit maakt bij ontwikkelingen een optimale efficiëntie qua inrichting van de openbare ruimte mogelijk, waarbij maximaal ingezet kan worden op dubbelgebruik (bij functiemenging). Daarnaast geven grotere loopafstanden de mogelijkheid onbenutte private parkeerruimte in de omgeving te gebruiken. Grotere loopafstanden geven bovendien meer ruimte voor ontmoeten, spelen en groen. Voor de functie wonen wordt bij de maximale loopafstanden onderscheid gemaakt in centrum/schil en rest bebouwde kom/buitengebied, waarbij een grotere loopafstand bij de eerste vanwege de hoge stedelijkheidsgraad acceptabel wordt geacht. 4.1.2Instandhoudingsplicht parkeerplaatsen Als de parkeereis op eigen terrein wordt ingevuld, moet deze ook na realisatie in stand gehouden worden. Anders wordt uiteindelijk nog in de openbare ruimte geparkeerd, wat de parkeerdruk in de omgeving verhoogt. Voor parkeerplaatsen op eigen terrein bij grondgebonden woningen (garage, carport of oprit) geldt dat deze niet mogen worden omgevormd tot (bijvoorbeeld) een tuin. Dit wordt in een privaatrechtelijke overeenkomst door het college vastgelegd met kettingbeding. Verder mogen bezoekers-parkeerplaatsen bij appartementencomplexen niet worden toegewezen aan bewoners. 4.1.3Garages en opritten Garages en opritten op eigen terrein worden vaak niet of niet volledig benut. Het gebruik ervan kan ook niet afgedwongen worden. Daarom worden bij de invulling van de parkeereis deze voorzieningen niet voor het theoretische aantal parkeerplaatsen dat ze kunnen bieden meegerekend, maar voor een berekeningsaantal gebaseerd op ervaringscijfers ten aanzien van gebruik van deze voorzieningen. Uitzondering hierop zijn situaties, waarbij het parkeren op eigen terrein is voorzien en sprake is van gereguleerd parkeren. In die gevallen kan het theoretisch aantal plaatsen aangehouden worden, onder de voorwaarde dat bewoners niet in aanmerking komen voor een ontheffing of vergunning. Deze afspraken worden geborgd door vastlegging in het ontheffingenbeleid en de zogenaamde POET-lijst (Parkeren op eigen terrein). 4.1.4Bezoekersparkeren Landelijk wordt de in de CROW-richtlijn gehanteerde bezoekersnorm bij woningen van 0,3 te hoog bevonden. Onderzoek wijst uit dat het aantal autobezoekers inderdaad wordt overschat. Een bezoekersnorm van 0,1 tot 0,2 per woning benadert de werkelijkheid beter. Leidschendam-Voorburg vormt daarop geen uitzondering. Wel wordt geconstateerd dat er binnen de gemeente verschillen zijn tussen centraal gelegen, verstedelijkte gebieden met veel alternatieve vervoermogelijkheden, schaarse ruimte en in sommige gevallen regulering (blauwe zone) én de buitenwijken en het buitengebied, waar de ruimte minder schaars is en minder alternatieven voor de auto zijn. De ligging speelt een belangrijke rol in de vervoerwijzekeuze van de bezoeker. Er wordt daarom, in afwijking op de CROW-richtlijn gekozen voor een lagere bezoekers-norm bij woningen, waarbij differentiatie wordt toegepast, afhankelijk van de ligging: In centrumgebied hanteren we een bezoekersnorm bij woningen van 0,1; In het schilgebied hanteren we: een bezoekersnorm bij woningen van 0,1 in gereguleerd schilgebied; een bezoekersnorm bij woningen van 0,2 in het overige schilgebied; In de overige gebieden (rest bebouwde kom en buitengebied) hanteren we een bezoekersnorm bij woningen van 0,2. Dit geldt overigens niet voor de categorie ‘Serviceflat’ in de overige gebieden, waar het bezoekersaandeel vaak hoog is (mantelzorgers). Verder geldt voor de categorie Kamerhuur, niet zelfstandig’ een parkeernorm inclusief bezoekers. Voor de begrenzing van de gebieden zie de kaarten in bijlage 1 en 2. Een kaart van het gereguleerde gebieden (blauwe zones) zoals de situatie is ten tijde van het vaststellen van deze Nota Parkeernormen, is te vinden in bijlage 3. Omdat het gereguleerd gebied aan verandering onderhevig kan zijn, wordt daarnaast verwezen naar de website (https://lv.kaartviewer.nl/?BlauweZones). 4.1.5Afmetingen parkeervakken De aan te leggen parkeerplaatsen moeten zodanige afmetingen hebben, dat ze bruikbaar zijn voor gangbare personenauto's. Voor de maatvoering van parkeerplaatsen wordt verwezen naar het Handboek Openbare Ruimte. Bij garages en afgesloten terreinen van 20 of meer parkeerplaatsen gelden de eisen uit de NEN 2443:2013.

Rechtspraak bij dit artikel