De Minister heeft de mogelijkheid en verantwoordelijkheid om monumenten van Nationaal Belang aan te wijzen als beschermd rijksmonument. Sinds 2010 wijst de Minister geen nieuwe rijksmonumenten meer aan, slechts op incidentele basis en ook in de toekomst zal dat op beperkte schaal plaatsvinden. De nadruk ligt de komende jaren vooral op structurele verbetering van het monumentenbestand en niet op vergroten van de omvang ervan. De wettelijke criteria voor aanwijzing van rijksmonumenten – van algemeen belang vanwege de schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde – blijven ongewijzigd.
Op grond van de Erfgoedwet kan een interieur in samenhang met een rijksmonument worden aangewezen als ensemble wanneer deze samenhang van bijzondere cultuurhistorische of wetenschappelijke betekenis is (Erfgoedwet art. 3.13). Het beschermde rijksmonument betreft in dit geval alle elementen die tot het geheel behoren, tenzij het expliciet is uitgesloten van de bescherming. Een aangewezen interieurensemble wordt geregistreerd in een aan het rijksmonumentenregister gekoppeld openbaar informatiesysteem (Erfgoedwet art. 3.14). De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed5Formeel de minister van OCW. ontwikkelt een digitaal informatiesysteem met beschikbare informatie over rijksmonumenten.6In de Erfgoedwet worden verschillende informatiesystemen genoemd, zoals het monumentenregister (Erfgoedwet art. 3.3), het informatiesysteem van aangewezen (interieur)ensembles (Erfgoedwet art. 3.14) en het archeologisch informatiesysteem Archis (Erfgoedwet art. 5.12). Gemeenten en eigenaren kunnen deze informatie gebruiken voor (beslissingen op) vergunningaanvragen.