Naar hoofdinhoud

Artikel 8.

Samenvattend

Onderdeel van Beleidskader zon en wind Gemeente Buren 2023 - 2025

Dit beleidskader heeft als doel de ontwikkeling van de opwek van zon- en windenergie op een gerichte en door inwoners gedragen manier mogelijk te maken, om zo de Burense ambities voor duurzame energie in 2030 te realiseren. Dit afgestemd met de regionale ontwikkelingen in het kader van RES 1.0. Daarnaast wil het beleidskader de mogelijkheden bieden voor beperkte lokale en innovatieve ontwikkelingen. Om te beginnen op een wat beperkte schaal om die na evaluatie verder de ruimte te geven. Dit vanuit de gedachte dat er op deze manier enerzijds ruimte is voor grootschalige en regionaal afgestemde ontwikkelingen en er anderzijds ruimte is voor lokale en innovatieve initiatieven en sinds 2023 aanvullend ook voor Local4Local initiatieven. Dat om het karakter van onze gemeente waar mogelijk te behouden door het ‘verdere gebied’ landelijk te houden. In dit beleidskader zon en wind worden voorstellen gedaan om dat te realiseren en verder uitgewerkt in het ruimtelijke beleidskader en het beleidskader participatie. 8.1 Uitgangspunten In de klimaatvisie van Buren die in mei 2020 is vastgesteld, staan een aantal voorwaarden voor het duurzaamheidsbeleid. Het gaat dan om: Iedereen moet meedoen! 50% lokale betrokkenheid in de vorm van lokaal rendement We zijn actief deelnemer en geven als gemeente het goede voorbeeld Naast deze algemene uitgangspunten zijn er voor zon en wind ook realisatie voorwaarden waar een project aan moet voldoen om voor vergunningsverlening in aanmerking te komen: Inpasbaarheid en landschappelijke inrichting Situering in het vast te stellen zoekgebied (voor de grotere projecten) Voorzien van netcapaciteit in afstemming met Liander Een goede ruimtelijke inpassen in samenhang met een specifieke locatie Duurzaam en betrouwbaar Hierbij gaat Buren uit van een faciliterende en op onderdelen stimulerende rol. De gemeente staat open voor nieuwe plannen en projecten. Ook wil de gemeente waar mogelijk meewerken om belemmeringen voor de realisatie van gewenste projecten weg te nemen. De gemeente wil daarbij planologisch meedenken en vanuit het gemeentelijke projectmanagement voor grotere projecten een lokaal coördinerende rol oppakken. De gemeente zal op eigen initiatief geen projecten ontwikkelen of vergaand initiëren. In voorkomende gevallen is het wel denkbaar dat er verkennend onderzoek gedaan wordt, maar het initiatief tot realisatie elders ligt bij bijvoorbeeld een samenwerkingsverband of externe partij. 8.2 . Grootschalige ontwikkelingen zon Over de zoekgebieden voor grootschalige ontwikkelingen voor zon en wind komt er een beeld naar voren dat als volgt is te schetsen: Als zoekgebied is er een gebied vastgesteld voor het plaatsen van grootschalige initiatieven zonnepanelen langs de A15 oost. De plaatsing in het de zoekgebied te maximeren tot de hoogte van de RES opgave van 20 ha (met een marge van +10%) tot 2030. Dit vraagt bij de concrete inpassing van projecten om aandacht voor de waarden van het gebied en een afweging ten opzichte van bijvoorbeeld de recreatieve en agrarische functie. 8.3 . Kleinschalige projecten zon Om ruimte te bieden aan kleinschalige initiatieven van inwoners of bedrijven, geeft deze nota een reeks aanzetten om die mogelijk te maken. Het gaat dan om een breed palet aan mogelijkheden van groot tot klein, voor de kernen en het buitengebied. Het is ook om ruimte te bieden aan ontwikkelingen en innovaties. Bijvoorbeeld de plaatsing van windmolens op bedrijventerreinen, een aantal zonnepanelen in de tuin of de koppeling van een lokaal zonneveld met energieopslag. Om dat mogelijk te maken is het volgende vastgesteld: Ruimte voor lokale en innovatieve initiateven 30 ha Ruimte voor Local4Local initiatieven 25 ha Verder is een aanpak ontwikkeld of in ontwikkelingen voor zon op dak en de mogelijkheden monumenten en beschermde dorps- en stadsgezichten om het plaatsen van zonnepanelen te versoepelen. Voor de volledigheid: Er is tevens 10 ha beschikbaar voor de realisatie van zon op veld als compensatie voor het bij amendement vervallen van de windmolen bij Medel zoals die in de concept RES1.0 als optie opgenomen was. 8.4 . Grootschalige ontwikkelingen wind Over de zoekgebieden voor grootschalige ontwikkelingen voor zon en wind komt er een beeld naar voren dat als volgt is te schetsen: Als zoekgebied is er een gebied vastgesteld voor het plaatsen van windmolens langs de A15 oost. Bij de vaststelling van de Burense RES1.0 opgave is bij amendement bepaald dat Buren afziet van het plaatsen van windmolens. Wel is in de beleidskaders nog ingegaan op een aantal aspecten die aandacht vragen als het zou gaan om concrete inpassing van projecten. Het gaat dan om aandacht voor de waarden van het gebied en een afweging ten opzichte van bijvoorbeeld de recreatieve en agrarische functie. 8.5 . Kleinschalig wind In 2023 is op basis van de maatschappelijke vraag een beleidskader kleine windmolens tot 25 meter tip-hoogte vastgesteld. Daarnaast worden ook de (ruimtelijke) mogelijkheden verkend voor nog wat hogere molens bij bedrijven. 8.6 . Ruimtelijke en participatiekaders Voor het realiseren van projecten zijn draagvlak en een goede communicatie naar omwonenden absolute voorwaarden. Daarvoor wordt ook een actieve inzet van de initiatiefnemer gevraagd om de dialoog met de omgeving aan te gaan, zoals dat ook in de omgevingswet voor vastgelegd en als gemeente zullen we er ook op toezien. Om het draagvlak te versterken is ook lokaal rendement nodig, daarbij gaat het om vergoedingen voor omwonenden en grondeigenaren, lokaal eigendom en een bijdrage aan het omgevingsfonds. Dit is vastgelegd in het beleidskader participatie. Verder is het goed als zon- en windenergie zoveel mogelijk ingepast zijn in de omgeving. Dat vergroot ook de acceptatie. Een initiatiefnemer moet daarom met respect omgaan met de bestaande landschappelijke, ecologische en cultuurhistorische kwaliteiten van het gebied. Verder zijn er eisen aan de inrichting met landschappelijke elementen, bijvoorbeeld om de biodiversiteit te vergroten. Ten slotte ruimt de initiatiefnemer het zonneveld op als de zonnepanelen aan het einde van de levensduur zijn. Hiervoor is het ruimtelijke beleidskader vastgesteld. 8.7 . Tot slot De ontwikkeling van zon en wind energie is zowel maatschappelijk als technisch een dynamisch veld vol ontwikkelingen. Een evaluatie en een actualisatie is op gezette tijden dan ook wenselijk. In het recente raadsinitiatief is ook aangegeven om het beleidskader in 2025 te evalueren. Het is nuttig dat dan te doen inclusief de ruimtelijke en het participatiekader. Dat kan dan de basis zijn voor het herijken van het zon- en windbeleid Buren met raad, inwoners en verdere betrokkenen. Dat herijken kan ook met het oog op de ontwikkeling van netcapaciteit ed. of een eventuele wens tot maatschappelijke aanbesteding. Door de veelheid aan reeds ingediende initiatieven is daar tot nu geen gelegenheid toe geweest.

Rechtspraak bij dit artikel