• - Er wordt rekening gehouden met geldelijk vermogen, niet zijnde bedrijfsvermogen. Tot het geldelijk vermogen worden in ieder geval gerekend: contanten, spaar-, betaal- of banktegoeden, beleggingsrekeningen, geldswaardige papieren, effecten, opties, aandelen, effecten in depot, cryptovaluta.
  • - Lijfrenten als bedoeld in artikel 1 aanhef en sub n van de wet, worden niet tot de beschikbare geldmiddelen gerekend.
  • - Het saldo per peildatum van geldmiddelen van thuiswonende kinderen wordt niet tot de beschikbare geldmiddelen gerekend.
  • - Het college verstrekt geen eenmalige energietoeslag 2023 als de geldmiddelen op de peildatum hoger zijn dan de wettelijke vermogensgrens zoals bepaald in de Participatiewet. De vermogensgrens in 2023 is € 7.605,00 voor een alleenstaande of € 15.210,00 voor een alleenstaande ouder/gehuwden. Deze bedragen kunnen wijzigen in 2024 door indexatie van de vermogensgrens. Bij aanvragen met een peildatum in 2024 zal de actuele wettelijke vermogensgrens gehanteerd worden.