Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.11

Overdracht, overgang en ondererfpacht.

Onderdeel van Gronduitgifte verordening 2002 der gemeente Texel

a. De erfpachter is verplicht in geval van gehele of gedeeltelijke overdracht van het recht van erfpacht, de vestiging van ondererfpacht of een beperkt recht waardoor het gebruik van de onroerende zaak door anderen wordt verkregen, in de daartoe op te maken akte van overdracht c.q. vestiging de bepalingen waaronder het recht is verleend, op te nemen of daarnaar te verwijzen. b. De erfpachter is tevens verplicht de overdracht of de vestiging van een recht als bedoeld in lid a uiterlijk op de dag van overdracht of vestiging schriftelijk aan Burgemeester en Wethouders te melden. Deze meldingsplicht bestaat ook voor de inbreng in een (andere) vennootschap van het recht van erfpacht en voor de scheiding tussen gezamenlijke rechthebbenden op het recht. c. De nieuwe erfpachter, ondererfpachter of verkrijger van een gebruiksrecht als bedoeld in lid a is verplicht om binnen een maand na ontvangst van een daartoe strekkend verzoek, op zijn kosten aan Burgemeester en Wethouders een afschrift van de akte over te leggen. d. In geval van vervreemding van het recht van erfpacht blijft de oude erfpachter naast de nieuwe erfpachter voor de eventuele niet betaalde, reeds vervallen termijnen van de canon over de aan de overdracht voorafgaande 5 jaren hoofdelijk aansprakelijk.

Rechtspraak bij dit artikel