Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.3

Bebouwing bij erfpacht.

Onderdeel van Gronduitgifte verordening 2002 der gemeente Texel

a.. De erfpachter is verplicht de grond te bebouwen met de in de uitgifte‑ overeenkomst aangegeven bebouwing overeenkomstig de vigerende bestemming, hetgeen al naar gelang de bestemming van de grond (een) woning(en), bedrijfsgebouw(en), kanto(o)r(en) of bijzondere‑ of andere nader omschreven bebouwing kan betreffen. b.. Binnen twee jaar na datum van het verlijden van de akte tot uitgifte in erfpacht moet de op de grond te stichten bebouwing voltooid en gebruiksklaar zijn; indien daartoe aanleiding bestaat, kan deze termijn door Burgemeester en Wethouders worden verlengd. c.. Indien na verloop van de in lid b genoemde termijn geen aanvang is genomen met de bebouwing heeft de gemeente het recht de overeenkomst tot uitgifte in erfpacht te ontbinden. Ontbinding vindt plaats door opzegging bij deurwaardersexploot en met inachtneming van een termijn van tenminste twee maanden. Deze opzegging moet op straffe van nietigheid binnen acht dagen tevens betekend worden aan de hypotheekhouder(s) en aan anderen die als beperkt gerechtigde of beslaglegger op het recht van erfpacht in de openbare registers staan ingeschreven. d.. Indien na verloop van de in lid b genoemde termijn de bebouwing wel is aangevangen maar nog geen 50% van de geschatte bouwtijd is verlopen, is de erfpachter aan de gemeente een schadevergoeding verschuldigd ter grootte van 1 x de jaarlijkse canon. e.. Indien na verloop van de in lid b genoemde termijn de bebouwing is aangevangen, maar meer dan 50% van de bebouwing gereed is, verlenen Burgemeester en Wethouders uitstel van de bouwplicht voor de periode van de geschatte bouwtijd van het restant van de bebouwing. Indien na verloop van die verlenging nog steeds een wezenlijk deel van de bebouwing moet geschieden is de erfpachter aan de gemeente een schadevergoeding verschuldigd overeenkomstig het bepaalde in lid d, onverminderd het recht van de gemeente om de volledige nakoming van de bouwplicht te vorderen. f.. De erfpachter vrijwaart de gemeente tegen elke aanspraak op vergoeding van kosten, schaden en interessen, welke derden wegens gehele of gedeeltelijke instorting van de opstallen jegens de gemeente zouden kunnen doen gelden. g.. De erfpachter is verplicht zich te onthouden van handelingen en gedragingen die gevaar, schade of hinder opleveren voor de omgeving.GROEP WONINGEN.

Rechtspraak bij dit artikel