Er moet onderscheid worden gemaakt tussen een kat die (tijdelijk) zijn baas is kwijtgeraakt en feitelijk valt onder de regeling ‘gevonden voorwerpen’ in het Burgerlijk Wetboek en de verwilderde kat die geen eigenaar meer heeft of nooit gehad heeft, zelfstandig leeft en verwilderd gedrag vertoont. Meestal gaat het om 'ongewenste' huiskatten. Mensen laten te makkelijk nestjes komen, weten er geen raad mee en dumpen de dieren. Daarna verwilderen deze, worden steeds schuwer en vermenigvuldigen zich snel. Dit leidt tot veel dierenleed: ziektes, honger, verwondingen, vergiftiging. De dieren leven op plekken waar voedsel te vinden is. Als ze een groep gaan vormen kunnen ze overlast gaan veroorzaken. Ze kunnen krijsen, janken en sproeien. Ook veroorzaken ze rommel door bijvoorbeeld vuilniszakken open te scheuren.
Als deze dieren veel overlast veroorzaken en moet er voor alle betrokkenen – mensen en dieren – een acceptabele oplossing worden gezocht. Het is een hardnekkig misverstand dat je een ongewenste populatie zou kunnen bestrijden door dieren weg te vangen of te doden. Dit komt door het biologisch principe dat opengevallen leefgebieden onmiddellijk door andere dieren worden opgevuld. Je schiet er dus niets mee op en de problemen blijven zich herhalen. Belangrijk is te beseffen dat je een zwerfkat niet meer kunt laten wennen aan een situatie bij mensen in huis, daarvoor is het dier te zeer verwilderd.
Taken en verantwoordelijkheden
Als er sprake zou zijn van veel overlast moeten er maatregelen worden getroffen waardoor de populatie zwerfkatten zich niet onbeperkt uitbreidt. Dierenbeschermers vangen dieren uit het wild en laten die door een dierenarts behandelen. Eenmaal terug in de groep is een gecastreerde kat veel rustiger. De paringsdrang, inclusief het krijsen, vechten en sproeien, is sterk verminderd. Omwonenden zullen dus veel minder last hebben. Ook groeit de populatie niet meer, omdat de dieren onvruchtbaar zijn gemaakt en nieuwe katten niet meer worden geaccepteerd. De ervaring leert dat de groep steeds kleiner wordt en op den duur uitsterft.
Tot op heden zijn er weinig problemen met verwilderde katten in Soest en omgeving aan de orde. Mocht er toch een probleem van enige omvang ontstaan, dan is het voor de hand liggend dat Dierenbescherming Eemland en de gemeente Soest onderling afspraken maken over de kosten.
Hoofdstuk 6. › Paragraaf 6.2.
Artikel 6.2.5.
Verwilderde katten
Onderdeel van Nota dierenwelzijn Soest 2011