Naast de ruimte voor leren, passen we ook een aantal leerpunten toe op programmaniveau op basis van de evaluatie van EUP2.
- - De energietransitie zit in een snelle opschaling. Steeds meer mensen ondernemen stappen, en hun stappen zijn groter. We laten onze capaciteit en middelen op tijd meegroeien.
- - Andere doelgroepen komen meer in beeld, met andere behoeftes. We baseren ons op bestaand beleid en ontsluiten dit voor nieuwe doelgroepen.
- - Er komen meer externe middelen beschikbaar (Rijk, provincie, EU-subsidies, private-cofinanciering), maar dit is moeilijk voorspelbaar. Wij stellen onze regelingen zo op dat we externe steun kunnen integreren in ons bestaande beleid.
- - Het begrijpelijk en laagdrempelig beschikbaar stellen voor inwoners is daarin het uitgangspunt.
- - Het geleidelijk invoegen van nieuwe doelgroepen en (onverwachte) nieuwe kansen door externe middelen zijn factoren die het moeilijk maken alle regelingen van het programma te vatten in één tijdvak of vaste jaarschijven. Daarom maken we van EUP een doorlopend programma. Regelingen evalueren we via de P&C-cyclus en op natuurlijke momenten. Via subsidieplafonds of tijdvak (vaak gekoppeld aan externe subsidiestromen) houden we grip op de financiën.
- - De impact van onze regelingen is lastig vast te stellen in directe CO2-reductie. De monitoring ontwikkelen we verder. Het DET-model biedt hierbij houvast en geldt als basis.