Naar hoofdinhoud

Hoofstuk 2

Artikel 2.6

Aanvullende criteria voor woonvoorzieningen

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Zwolle 2024

1.. Met inachtneming van artikel 2.2 van deze verordening kan een cliënt in aanmerking komen voor een van de volgende woonvoorzieningen: Een financiële tegemoetkoming in de verhuis- en/of stofferingskosten; Een financiële tegemoetkoming voor het bezoekbaar maken van een woning; Een bouwkundige woonvoorziening; Een niet-bouwkundige woonvoorziening; Financiële tegemoetkoming voor onderhoud, keuring en reparatie van de verstrekte woonvoorziening; tijdelijke huisvesting tijdens verbouwing. 2.. Cliënt kan in aanmerking komen voor een woonvoorziening als cliënt: Aantoonbare beperkingen heeft bij het normale gebruik van zijn woning en; Het redelijke heeft gedaan om een geschikte woning te bewonen. 3.. In aanvulling op de woonvoorzieningen genoemd in het eerste lid kan een cliënt in aanmerking komen voor een uitraasruimte op basis van aantoonbare beperkingen door de aanwezige gedragsstoornis met ernstig ontremd gedrag tot gevolg, waarbij alleen het zich kunnen afzonderen kan leiden tot een situatie waarin deze persoon met beperkingen tot rust kan komen. 4.. Een cliënt kan alleen voor een woonvoorziening in aanmerking komen wanneer deze langdurig noodzakelijk is en verhuizing niet mogelijk is of niet de goedkoopste adequate voorziening is. 5.. Een woonvoorziening wordt slechts verstrekt als de cliënt zijn hoofdverblijf binnen de gemeente Zwolle heeft of zal hebben in de woonruimte waaraan de voorziening wordt getroffen, dan wel voor het logeerbaar maken van een andere woonruimte indien de cliënt met beperkingen zijn hoofdverblijf heeft in een erkende zorginstelling. 6.. Een woonvoorziening wordt niet verleend voor bedrijfsruimten, trekkerswoonwagens, instellingen, verzorgingshuizen, tweede of meerdere woningen, ruimten bestemd voor kamerverhuur, gemeenschappelijke ruimten of als de woonvoorzieningen zonder noemenswaardige meerkosten bij nieuwbouw of renovatie meegenomen kunnen worden. 7.. Het college kan, indien zonder woningaanpassing de woonruimte voor de aanvrager ontoegankelijk blijft, een maatwerkvoorziening verlenen voor het verbreden van toegangsdeuren en het aanbrengen van elektrische deuropeners, drempelhulp of vlonders aan een gemeenschappelijke ruimte of een extra trapleuning bij een portiekwoning. 8.. Het college verleent slechts een financiële tegemoetkoming voor onderhoud, keuring en reparatie als bedoeld in artikel 2.6.1, indien de kosten van onderhoud, keuring en reparatie betrekking hebben op: (trap)liften of; b. . de mechanische inrichting voor het verstellen van een in hoogte verstelbaar keukenblok, bad of wastafel of; de elektromechanische openings- en sluitingsmechanismen van deuren, uitgezonderd de deuren die behoren tot de gemeenschappelijke ruimten van een woongebouw.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel