Een medewerker kan een maatwerkvoorziening weigeren, als:
deze, gezien de beperkingen van de cliënt, voor zichzelf of anderen onveilig is, niet passend is en/of gezondheidsrisico’s met zich meebrengt;
sprake is van een verzoek tot vervanging van een eerder geboden voorziening terwijl deze nog voldoende ondersteuning biedt bij de belemmeringen van de cliënt en de voorziening nog niet technisch is afgeschreven;
de aanvraag ziet op kosten die zijn gemaakt voor de datum van melding;
de cliënt niet of onvoldoende wil meewerken aan het opstellen en nakomen van het ondersteuningsplan dat noodzakelijk is voor het bereiken van de resultaten;
de cliënt niet of onvoldoende wil meewerken aan behandelingen die in redelijkheid gevraagd kunnen worden, en hierdoor onnodig een beroep of een te zwaar beroep op de Wmo gedaan wordt;
de noodzaak tot het opnieuw verstrekken van een voorziening aan de cliënt te verwijten is;
er geen geschikte voorziening verkrijgbaar is, waardoor de gemeente niet in staat is deze te verstrekken.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3
Artikel 2.3.2
Redenen om een maatwerkvoorziening te weigeren
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Utrecht 2024