Aanvullend op artikel 14 verstrekt het College geen Pgb voor de uitvoering van de Wmo2015 indien er sprake is van:

  • - Activiteiten waarvan het gebruikelijk is dat deze door het Sociaal netwerk worden verricht, zoals:
    • - (sociale) activiteiten ondernemen met de Belanghebbende;
    • - het doen van de boodschappen;
    • - lichte huishoudelijke taken;
    • - eenvoudige hulp bij de administratie;
    • - het maken van afspraken en/of het meegaan naar afspraken met specialisten;
    • - vervoer naar afspraken met specialisten.
  • - Indien Belanghebbende behoort tot de leefeenheid van Pgb-aanbieder die wegens (dreigende) overbelasting niet in staat is om de Gebruikelijke hulp op zich te nemen.
  • - Algemene voorzieningen en Algemeen gebruikelijke voorzieningen.
  • - Indien Informeel (Pgb) hulp niet leidt tot minimaal een gelijkwaardig niveau van ondersteuning dan bij professionele hulp het geval is, gelet op:
    • - de frequentie van de hulp;
    • - het type hulp;
    • - de aard van de Hulpvraag waaraan met de verstrekking van het Pgb tegemoet wordt gekomen;
    • - de duur van die Hulpvraag;
    • - de afhankelijkheidsrelatie; én
    • - de mate van verplichting die voortvloeit uit het Pgb en de daaraan verbonden voorwaarden voor de persoon van wie de Ondersteuning betrokken wordt.
  • - Indien er sprake is van:
    • - een Hulpvraag in een Spoedeisende situatie of van Overmacht;
    • - een op het individu toegesneden Maatwerkvoorzieningen in het gedwongen kader of de Ketenveldnorm/Levensloopaanpak;
    • - maatregelen in het Veiligheidskader.
  • - De Pgb-aanbieder niet voldoet aan de kwaliteitseisen zoals verwoord in artikel 14 én artikel 15 of artikel 16 van deze herziene Verordening.