Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.3

Artikel 28

Verlenen ontheffingen wegens dringende redenen

Onderdeel van Verzamelbeleidsregels P-wet, IOAW, IOAZ en Bbz 2015

1.. Een uitkeringsgerechtigde wordt slechts ontheven van een of meer verplichtingen zoals genoemd in artikel 9 lid 1 sub a of c P-wet wanneer er hiervoor dringende redenen aanwezig zijn. 2.. Een uitkeringsgerechtigde wordt ontheven van de verplichtingen over de periode waarover de belemmering zich voordoet, doch maximaal voor de periode van 1 jaar. 3.. Na de periode van maximaal 1 jaar vindt een herbeoordeling plaats, die in het geval van ongewijzigde dan wel voortdurende omstandigheden administratief kan worden afgehandeld. 4.. Dringende redenen zoals bedoeld in lid 1 kunnen voortkomen uit zorgtaken, lichamelijke- of psychische belemmeringen. 5.. Een ontheffing gaat in beginsel vergezeld van een verplichting om de omstandigheden, die maken dat een ontheffing noodzakelijk is, teniet te doen, indien dit binnen het vermogen van de belanghebbende ligt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel