Informatiegestuurd handhaven behoort tot de pijler vroegtijdige detectie en afhandeling.
Het college kan met behulp van bestandkoppeling per uitkeringsgerechtigde een inschatting maken van het frauderisico.
Het college maakt hierbij gebruik van een applicatie die digitale bestanden aan elkaar kan koppelen.
Het college gebruikt hierbij alleen gegevens, waarover zij vanuit haar taak in het kader van de P-wet, IOAW en IOAZ kan en mag beschikken.
Door de koppeling van bronbestanden kunnen wijzigingen in de woon- en leefsituatie van de klant direct en proactief gesignaleerd worden, wat leidt tot een snelle en adequate aanpassing van de uitkering aan de feitelijke situatie.
Indien een signaal van mogelijke fraude opkomt, dan is dat aanleiding om te bezien of een onderzoek gericht op de rechtmatige verstrekking van de uitkering dient te worden opgestart.
Voor wat betreft het bewaren dan wel verwerken van de gegevens die voortkomen uit het informatiegestuurd handhaven, wordt gewerkt conform de regels zoals deze zijn gesteld in de Wet bescherming persoonsgegevens (artikel 10 en 11 WBP).
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.2
Artikel 50
Informatiegestuurd handhaven
Onderdeel van Verzamelbeleidsregels P-wet, IOAW, IOAZ en Bbz 2015