De voorzitter bepaalt per geagendeerd onderwerp de orde van behandeling.
De behandeling start met een toelichtende fase. In deze fase kan de voorzitter ook niet-leden van de commissie spreekrecht geven om zaken toe te lichten of om te vragen van leden te beantwoorden. De voorzitter bepaalt hierbij de spreektijd.
Na de toelichting geeft de voorzitter de commissieleden gelegenheid tot het stellen van informatieve vragen.
Als een plan naar het oordeel van de voorzitter voldoende besproken is, sluit hij of zij de toelichtende fase en start de beraadslaging. In deze fase stelt de voorzitter ieder lid in de gelegenheid zijn of haar standpunt of advies uit te brengen.
De betrokkenen nemen niet deel aan de beraadslagingen van de commissie. Tijdens de beraadslagingen is er geen spreekrecht, tenzij op uitdrukkelijk verzoek van de voorzitter.
De voorzitter vat, na de beraadslaging, de uitkomst van het overleg of de besluitvorming samen en formuleert het advies.
Alleen indien de voorzitter dit nodig acht op basis van de inbreng van de afzonderlijke leden kan hij/zij besluiten over te gaan tot een hoofdelijke stemming. Bij gelijke stemmen is het voordeel voor de aanvrager.
Binnen de overeengekomen termijn van advisering kan de commissie haar advies aanhouden indien meer informatie of een aanpassing wenselijk is.
Paragraaf 2.
Artikel 7.
Orde van beraadslaging;
Onderdeel van Reglement van Orde op de gemeentelijke Adviescommissie voor Omgevingskwaliteit Drentse gemeenten