Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.3

Wat verwachten we van onze inwoners en bedrijven?

Onderdeel van Programma voor Klimaatadaptatie, Riolering en Water Kampen 2023-2027

Een groot deel van het gemeentelijke gebied is niet in handen van de gemeente. Daarom is klimaatadaptatie, waaronder het tegengaan van wateroverlast, een gezamenlijke verantwoordelijkheid van inwoners, bedrijven, gemeente en waterschap. De gemeente kan niet alles oplossen. Perceeleigenaren hebben een belangrijke rol in de verwerking van hemelwater dat op hun eigen terrein valt. Uitgangspunt is dat de perceeleigenaar de neerslag die op zijn perceel valt, zelf verwerkt. Als dat redelijkerwijs niet kan, is de gemeente aan zet. Bij optredende problemen wordt gestreefd naar lokale maatwerkoplossingen. De gemeente kan veel regelen en sturen in het functioneren van de riolering, maar kan niet alles zelf uitvoeren. Inwoners en bedrijven hebben hier ook een belangrijke invloed op. Geprobeerd wordt om zo min mogelijk extra regels en verplichtingen aan inwoners en bedrijven op te leggen. Wel vraagt de gemeente bij te dragen aan het goed laten functioneren van de riolering. Verwacht wordt: dat inwoners en bedrijven het riool verstandig gebruiken; dat rioolaansluitingen zorgvuldig worden aangelegd en onderhouden; dat (verbeterde) septictanks en decentrale zuiveringen zorgvuldig worden aangelegd en onderhouden; dat inwoners en bedrijven hemelwater zelf opvangen en bergen als dat redelijkerwijs mogelijk is; dat hinder (water-op-straat) vaker, binnen marges, wordt geaccepteerd; dat inwoners en bedrijven bij grondwateroverlast controleren of hun woning of bedrijf voldoende waterdicht is. In bijlage 2 zijn de taakopvattingen van gemeente Kampen opgenomen. Participatie van betrokkenen is van groot belang om de urgentie van klimaatverandering onder de aandacht te brengen en draagvlak te krijgen voor eventuele adaptieve maatregelen. Gerichte communicatie zorgt ervoor dat iedereen dezelfde informatie heeft. Niet alleen waar het gaat om wateroverlast, maar over alle gevolgen van klimaatverandering (ook droogte, hitte en waterveiligheid). Daarmee wordt aangesloten bij de stappen die in het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie (DPRA) worden voorgesteld: uitvoeren van stresstesten, aangaan van klimaatdialogen met de omgeving en opstellen van uitvoeringsplannen. Om eigenaarschap te creëren en inwoners en bedrijven mee te krijgen in het nemen van de eigen verantwoordelijkheid wordt de volgorde stimuleren - faciliteren – afdwingen gehanteerd. In eerste instantie wordt ingezet op stimuleren, waar mogelijk kan de gemeente faciliteren. Op dit moment heeft de gemeente de subsidieregeling voor de aanschaf van regentonnen. Die wordt uitgebreid naar afkoppelen van hemelwater, aanleg van infiltratievoorzieningen, gebruik maken van hemelwater, verwijderen van verharding, het planten van bomen en aanleg van groenblauwe daken. Jaarlijks wordt hiertoe € 100.000 gereserveerd voor de periode 2023-2026. Waar de urgentie het grootst is en de noodzaak tot treffen van maatregelen het hoogst, kunnen regels opgenomen worden in het omgevingsplan (vanaf juli 2023). Elke ontwikkeling of (her)inrichting wordt getoetst aan extreme neerslagscenario’s. Het basis uitgangspunt is dat er geen schade mag optreden doordat water gebouwen instroomt. Bij inrichting wordt de beoordeling op klimaatbestendigheid (onder andere wateroverlast) als vast onderdeel meegenomen. Dit gebeurt overeenkomstig het Besluit Kwaliteit Leefomgeving (art. 5.37, weging van waterbelangen). Ten aanzien van microverontreinigingen, medicijnresten en hormoonverstoorders worden landelijke richtlijnen gevolgd. Richting onze inwoners en bedrijven wordt ingezet op voorlichting en communicatie. Bijvoorbeeld over het inleveren van medicijnresten bij lokale apothekers.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel