Kostendekking
Het berekenen van de benodigde rioolheffing komt neer op het vinden van balans tussen inkomsten en uitgaven, waarbij een dempende rol wordt gespeeld door de methode van vermogensbeheer. Gemeente Kampen kent in de rioolheffing geen spaarcomponent voor toekomstige vervangingsinvesteringen. De benodigde hoogte van de rioolheffing is deels onvermijdelijk en deels afhankelijk van keuzes.
Uitgangspunten financiering
Onderstaande uitgangspunten voor het berekenen van de financiering zijn gehanteerd voor het PKRW (voor het volledige overzicht verwijzen wij naar bijlage 3):
Maximale kostendekkendheid van 100%.
Boekwaarde oude investeringen per 1 januari 2022 is circa € 13.613.088.
Stand van voorziening rioleringswerken is per 1 januari 2023 geraamd op € 2.046.530.
Aantal aansluitingen 22.450 in 2023, met een jaarlijkse woninggroei van 400 woningen.
Kosten van het rioleringsbeheer vallen onder de BTW voor zover het uitgaven aan derden betreft. Deze kosten zijn te betrekken bij het BTW-compensatiefonds. De BTW-component wordt meegenomen bij de berekening van de hoogte van de rioolheffing. Het bedrag van de gecompenseerde BTW wordt echter niet aangewend voor het rioleringsbeheer, maar vloeit naar de algemene middelen van de gemeente.
Eventueel overschot op de exploitatie bij einde boekjaar wordt gestort in de voorziening rioleringswerken en een eventueel tekort wordt onttrokken aan de voorziening riolerings-werken.
Gebruikelijke trendmatige aanpassing in Kampen gaat uit van daadwerkelijke inflatie van vorig jaar. Deze wordt jaarlijks vastgesteld bij de begroting en beoordeeld of deze in het tarief wordt doorberekend.
De omslagrente in 2023 bedraagt 2,2% per jaar (voor de verdere jaren is dit percentage nog niet vastgesteld). Deze rente wordt gebruikt voor de berekening van de kapitaallasten.
De inflatie voor 2023 is vastgesteld op 2,7%.
Oninbaar wordt geschat op 0,1% per jaar, ten laste van de heffing.
Investeringen
Gemeente Kampen heeft ervoor gekozen investeringen langjarig af te schrijven:
Investeringen in de riolering voor verbeteringsmaatregelen en rioolvervanging moeten volgens de regels van de BBV worden geactiveerd en afgeschreven. Afschrijven is op methodische wijze, afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur, ten laste van de exploitatie brengen van kapitaalgoederen.
Dit is vergelijkbaar met het aangaan van een lening bij een bank of de eigen organisatie. De demper bestaat dan uit spreiding van de lasten over de toekomstige jaren.
De afschrijving per jaar kan gaan met de annuïteitenmethode of met lineaire afschrijving.
Een kenmerk van lenen is dat rente wordt betaald. Bij 2,2% rente en lineaire afschrijving over 40 jaar wordt bijvoorbeeld in totaal al ongeveer evenveel betaald aan rente als aan afschrijving.
Activeren en afschrijven heeft als voordeel dat het geld niet direct beschikbaar hoeft te zijn.
De kerngedachte van activeren is dat de lasten worden gedragen door de generatie die profijt heeft van de gerealiseerde werken. De riolering wordt gezien als een investering met economisch nut omdat het bijdraagt aan het genereren van middelen met de rioolheffing.
Bij het bepalen van de afschrijvingstermijn kijk je naar de verwachte economische levensduur ofwel de toekomstige gebruiksduur. De afschrijvingstermijn is daarom mogelijk korter dan de verwachte technische levensduur. Soms verouderd een riool sneller of wordt een riool voortijdig vervangen vanwege hydraulische capaciteit of aanpak van de openbare ruimte.
Meerjarig afschrijven voor een werk legt een soort hypotheek op de volgende generatie. Het is een maatschappelijke afweging of je dit wilt of dat je het systeem vrij van schulden wilt overdragen aan de volgende generatie.
Voorziening rioleringswerken
Het doel van de voorziening rioleringswerken is het egaliseren van de rioolheffing, een bufferfunctie voor wisselende uitgaven en inkomsten over een langere periode. De stand van de voorziening bedraagt op 1 januari 2023 € 2.046.530. In de toekomst verwachten we nog enkele investeringen te moeten doen voor verduurzaming, maar we houden voor de komende jaren wel rekening met het verminderen van deze voorziening. Op begrotings- en rekeningbasis wordt het exploitatieresultaat verrekend met de voorziening.
De berekening geschiedt met behulp van een speciaal daartoe opgesteld financieel rekenmodel. Er wordt geen rente toegevoegd aan de voorziening en de voorziening wordt niet tegen contante waarde gewaardeerd. De stand van de voorziening kan jaarlijks worden herleid uit de begroting en de jaarrekening (paragraaf lokale heffingen).
Ondergrens
De voorziening rioleringswerken heeft nog geen ondergrens. Een ondergrens van € 1.000.000 achten wij voldoende om egalisatie van de te heffen rioolrechten te kunnen waarborgen. Deze ondergrens wordt vastgesteld via de nota reserves en voorzieningen. Het kostendekkingsplan wordt jaarlijks geëvalueerd, waarbij een heroverweging kan plaatsvinden van de hoogte van de egalisatievoorziening en/of de hoogte van de rioolheffing.
Onderstaande tabel geeft een overzicht van het verloop van de voorziening rioleringswerken gedurende de planperiode van het PKRW.
Verloop voorziening rioleringswerken
Stand 01-01
mutatie
Stand 31-12
2023
€ 2.046.530
€ -259.579
€ 1.786.951
2024
€ 1.786.951
€ -197.287
€ 1.589.664
2025
€ 1.589.664
€ -131.292
€ 1.458.372
2026
€ 1.458.372
€ -3.992
€ 1.454.381
2027
€ 1.454.381
€ 86.389
€ 1.540.770
Gedurende de looptijd van het PKRW zullen ongetwijfeld afwijkingen optreden ten opzichte van de in het PKRW opgenomen financiële getallen. Alleen bij forse afwijkingen moet de rioolheffing opnieuw worden berekend. Bij kleinere afwijkingen is het beter de vastgestelde rioolheffing vast te houden en daarmee de mee- en tegenvallers op te vangen met de voorziening rioleringswerken. Deze buffer is daarvoor bedoeld en voldoende solide
Hoofdstuk 6.
Artikel 6.3
Kosten
Onderdeel van Programma voor Klimaatadaptatie, Riolering en Water Kampen 2023-2027