Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Afdeling 8

Artikel 2:59

Gevaarlijke honden

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Castricum 2023

1.. Als de burgemeester een hond in verband met zijn gedrag gevaarlijk of hinderlijk acht, kan het de eigenaar of houder van die hond een aanlijngebod, muilkorfgebod of een aanlijn- en muilkorfgebod opleggen voor zover die hond verblijft of loopt op een openbare plaats of op het terrein van een ander. De burgemeester kan de eigenaar of houder verplichten om met zijn hond deel te nemen aan een gedragstest en/of gedragscursus die hij betrouwbaar acht. 2.. Een aanlijngebod houdt in dat de eigenaar of houder verplicht is de hond aangelijnd te houden met een lijn met een lengte, gemeten van hand tot halsband, van ten hoogste 1,50 meter. 3.. Een muilkorfgebod houdt in dat de eigenaar of houder verplicht is de hond voorzien te houden van een muilkorf die: vervaardigd is van stevige kunststof, van stevig leer of van beide stoffen; door middel van een stevige leren riem zodanig rond de hals is aangebracht dat verwijdering zonder toedoen van de mens niet mogelijk is; en zodanig is ingericht dat de hond niet kan bijten, dat de afgesloten ruimte binnen de korf een geringe opening van de bek toelaat en dat geen scherpe delen binnen de korf aanwezig zijn. 4.. Onverminderd het bepaalde in artikel 2:57, eerste lid onder c, dient een hond als bedoeld in het eerste lid voorzien te zijn van een door de bevoegde minister op aanvraag verstrekt uniek identificatienummer door middel van een microchip die met een chipreader afleesbaar is. 5.. Indien er ingevolge artikel 2:59, eerste lid, een aanlijngebod, muilkorfgebod of een aanlijn- en muilkorfgebod is opgelegd, kan de burgemeester bepalen, voor de veiligheid in de openbare ruimte, dat de gevaarlijke hond alleen nog maar door meerderjarigen mag worden uitgelaten in de openbare ruimte.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel