Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.7.

Tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskosten

Onderdeel van Verstrekkingenboek maatschappelijke ondersteuning Opsterland 2011

Als iemand zich inschrijft voor een zelfstandige woonruimte en vervolgens een verhuis- en inrichtingskostenvergoeding aanvraagt (omdat hij verhuist vanwege zijn ziekte, handicap of belemmeringen) dient de gemeente Opsterland te bekijken wat de reden van verhuizen is. Alleen als er verhuisd wordt vanwege belemmeringen bij het normale gebruik van de woning die niet op te lossen zijn met eenvoudige aanpassingen, maar die wel opgelost worden als de begunstigde een andere zelfstandige wooneenheid betrekt, kan een verhuis- en herinrichtingskostenvergoeding worden toegekend. Hiervoor gelden echter bepaalde voorwaarden. Wat betreft de verhuis- en inrichtingskostenvergoeding wordt onderscheid gemaakt tussen: een financiële tegemoetkoming in de verhuis- en (her)inrichtingskosten voor mensen die vanwege problemen met het normale gebruik van de woning willen verhuizen naar een adequate woning (artikel 16 lid 1 van de Verordening); een financiële tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten (artikel 16 lid 2 van de Verordening), in het geval van een aanvraag om een woningaanpassing, waarbij na onderzoek blijkt dat verhuizing de goedkoopst adequate oplossing is voor het woonprobleem. Ook mogelijk is dat de betreffende woning niet kan worden aangepast. Voor het bedrag van de tegemoetkoming (genoemd in artikel 16 lid 1 en 2) wordt verwezen naar artikel 6, lid 1 sub a van het Financieel Besluit. Daarnaast is het mogelijk een tegemoetkoming te verstrekken aan een persoon die op verzoek van het college, ten behoeve van een persoon met beperkingen, een woning vrijmaakt (artikel 16 lid 3 van de Verordening). Voor de bijdrage wordt verwezen naar artikel 6 lid 1 sub b van het Financieel Besluit. 6.7.1. Weigeringsgronden voor de tegemoetkoming voor verhuis- en inrichtingskosten Er wordt geen verhuis- en inrichtingskostenvergoeding verstrekt wanneer (zie ook artikel 20 Verordening): de aanvrager voor het eerst zelfstandig gaat wonen (iedereen gaat immers eens zelfstandig wonen en die kosten zijn algemeen gebruikelijk); de aanvrager verhuist vanuit of naar een woonruimte die niet geschikt is om het hele jaar door bewoond te worden; de aanvrager verhuist naar een woonruimte waarvan het normale gebruik wordt belemmerd door diens beperkingen, met andere woorden de nieuwe woonruimte niet voldoet aan de in de beschikking genoemde eisen; de aanvrager voor een andere wettelijke regeling in aanmerking komt; de noodzaak tot verhuizen voortkomt uit een verhuizing uit het verleden waarvan destijds reeds te voorzien was dat de woning binnen afzienbare tijd niet meer adequaat zou zijn; de aanvrager verhuist op een moment dat op basis van leeftijd, gezins- of woonsituatie, de verhuizing ook zonder handicap als algemeen gebruikelijk zou zijn geacht; Toelichting: Het gaat hierbij om een voorspelbare verhuizing. Het is de eigen verantwoordelijkheid van de aanvrager om op een dergelijke verhuizing te anticiperen en hiervoor geld te reserveren. Bijvoorbeeld voor personen van gevorderde leeftijd is verhuizen naar een kleinere, meer comfortabele en meer op de leeftijd afgestemde woning gebruikelijk. Dit blijkt ook uit jurisprudentie waaruit valt af te leiden dat een verhuizing naar een seniorenwoning past bij de levensfase van senioren, zodat deze verhuizing als algemeen gebruikelijke stap beschouwd kan worden. Op basis daarvan hoeft geen voorziening verstrekt te worden. De vraag of er een medische indicatie bestaat voor de verhuizing is bij een dergelijke algemeen gebruikelijke verhuizing niet doorslaggevend. de aanvrager verhuist naar een niet zelfstandige wooneenheid zoals een AWBZ-instelling of een gezinsvervangend tehuis of verhuist naar een situatie waarin sprake is van het huren van een kamer of sprake is van inwoning; de aanvrager reeds een huurcontract of een voorlopig koopcontract heeft getekend voorafgaand aan de datum waarop de beschikking op de aanvraag is genomen, tenzij de gemeente Opsterland hiervoor schriftelijk zijn toestemming heeft verleend. Toelichting: Ten behoeve van een zorgvuldige afhandeling van de aanvragen voor een tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten, laat de gemeente Opsterland de aanvrager reeds op het aanvraagformulier aangeven of er al een woning geaccepteerd is. Hiermee wordt voorkomen dat een onnodig (medisch) onderzoek wordt gestart, waardoor er verwachtingen worden gewekt bij de aanvrager. Om te voorkomen dat men gedurende de lopende aanvraagprocedure een woning accepteert voordat de gemeente Opsterland een beslissing heeft genomen op de aanvraag, wordt men in de ontvangstbevestiging op een aanvraag voor een tegemoetkoming in de verhuis- en inrichtingskosten geadviseerd om voor het tekenen van een huurcontract of een voorlopig koopcontract altijd contact op te nemen met de gemeente Opsterland. De gemeente Opsterland heeft dan de mogelijkheid om te beoordelen of schriftelijk toestemming verleend moet worden om alvast de woning te mogen accepteren. Redenen zoals de afstand tot het centrum, het niet meer kunnen onderhouden van de tuin, het feit dat het huis te groot is nu de kinderen de deur uit zijn, zijn geen redenen om een indicatie voor een verhuis- en inrichtingskostenvergoeding te rechtvaardigen. Evenmin kan zorgafhankelijkheid of het ontbreken van zorg op afroep zoals bij levensloopbestendige woningen het geval is, een indicatie tot gevolg hebben.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel