Naar hoofdinhoud

Artikel 13.

Voorziening voor oninbare vorderingen

Onderdeel van Financiële beheersverordening

1.. Voor de vorderingen op verbonden partijen en derden wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd op basis van een individuele beoordeling op inbaarheid van de openstaande vorderingen. Het betreft openstaande vorderingen voor: Algemene debiteuren; Debiteuren in het Sociaal Domein; Belastingdebiteuren. 2.. De voorzieningen worden statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen. 3.. Voor de overige vorderingen wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen.

Rechtspraak bij dit artikel