Naar hoofdinhoud

Artikel 14.

Reserves en voorzieningen

Onderdeel van Financiële beheersverordening

1.. Het college biedt de raad ten minste eens in de vier jaar, voor zover bijstelling noodzakelijk is, een nota reserves en voorzieningen aan. Deze nota wordt door de raad vastgesteld en behandelt in ieder geval: De doelstelling van specifieke reserves en voorzieningen; De bestedingsdoelen van specifieke reserves en voorzieningen; De vorming, opheffing en samenvoeging van reserves; De vorming, opheffing en samenvoeging van voorzieningen. 2.. In de programmabegroting en de jaarstukken vindt geen toerekening van rente over de reserves en voorzieningen aan de taakvelden plaats. 3.. Bij een voorstel voor de instelling van een bestemmingsreserve voor een bestedingsvoornemen wordt in ieder geval aangegeven: Het specifieke doel van de reserve; Het bestedingsplan van de reserve; De voeding van de reserve. 4.. Indien een bestemmingsreserve voor een bestedingsvoornemen voor realisatie van het onderliggende doel in het laatst geplande begrotingsjaar niet aangewend is, rapporteert het college dit aan de gemeenteraad en doet de gemeenteraad een voorstel om het niet aangewende budget vrij te laten vallen aan het resultaat, tenzij het college aannemelijk maakt dat het investeringskrediet behouden dient te blijven voor het gekoppelde doel (heeft een relatie met artikel 5 lid 7); 5.. Jaarlijks komt in de in artikel 4 genoemde perspectiefnota de vrije ruimte van de reserve beleidsplan, met inachtneming van voornoemde nota Reserves en voorzieningen, aan de orde.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel