Draagkracht
Bijzondere bijstand wordt verstrekt onder aftrek van de draagkracht. Draagkracht is het gedeelte van het inkomen en vermogen dat de belanghebbende bij een aanvraag om bijzondere bijstand zelf moet inzetten.
Geen draagkrachtberekening
Als er sprake is een van de volgende situaties wordt ervan uitgegaan dat belanghebbende geen draagkracht heeft:
- - Mesis Screening Beschermingsbewind van de Schulddienstverlening én de bewindvoerder is een convenantpartner;
- - Ondersteuning Schuldstabilisatie-traject (OSS) én de bewindvoerder is een convenantpartner;
- - Schulddienstverleningstraject (SDV);
- - WSNP-traject;
- - Inkomens-/loonbeslag.
- - Belanghebbende met een uitkering op grond van de Participatiewet heeft ook geen draagkracht.
Let op: Belanghebbenden met een IOAW of IOAZ-uitkering kunnen wel draagkracht hebben.
Niet in aanmerking te nemen inkomen
De middelen zoals benoemd in artikel 31 lid 2 Participatiewet worden vrijgelaten. Met uitzondering van de tegemoetkomingen of inkomensondersteuningen zoals bedoeld in artikel 31 lid 2 sub c, p, q en x van de Participatiewet. Deze worden niet van het inkomen afgetrokken.
De individuele inkomenstoeslag wordt bij de vaststelling van draagkracht niet in aanmerking genomen. Dit geldt ook voor de vrijwilligersvergoeding bij dagbesteding.
In aanmerking te nemen vermogen
Het vermogen wordt op dezelfde manier vastgesteld als bij de algemene bijstand. In afwijking van de algemene bijstand wordt het vermogen in de zelf bewoonde eigenwoning niet meegenomen.
Het vermogen, zoals benoemd in artikel 34 lid 2 van de Participatiewet, wordt bij de vaststelling van draagkracht buiten beschouwing gelaten.
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2024 en is van toepassing op alle aanvragen bijzondere bijstand waar per 1 januari 2024 nog niet op besloten is.