**1..** De bestuurscommissie beëindigt de uitbetaling van geldelijke
steun voor een sociale-koopwoning, een koopstandplaats of een
koopwoonwagen en stelt de geldelijke steun opnieuw vast op het
tot dat moment ontvangen bedrag, indien hij constateert dat:
de eigenaar bedoeld in artikel 66, eerste lid, dan wel
de op het tijdstip van diens overlijden in de woning, op
de standplaats of in de woonwagen woonachtige erfgenaam,
dan wel de op het moment van diens vertrek uit de
woning, van de standplaats of uit de woonwagen diens in
de woning, op de standplaats of in de woonwagen
woonachtige partner of gewezen partner de woning, de
standplaats of de woonwagen niet langer bewoont, of
eigendomsoverdracht heeft plaatsgevonden anders dan aan
de tweede opvolgend eigenaar/bewoner binnen vijf jaar na
verlening van de geldelijke steun aan de eerste
eigenaar/bewoner.
**2..** De bestuurscommissie komt tot een besluit als bedoeld in het
eerste lid aan de hand van de in artikel 71 bedoelde door de
eigenaar jaarlijks in te zenden verklaring.
**3..** Indien er sprake is van doorverkoop zal de bestuurscommissie de
geldelijke steun opnieuw vaststellen en daarbij de tot op dat
tijdstip aan de eerste eigenaar/bewoner uitbetaalde bedragen in
mindering brengen op de conform bijlage VI bepaalde
hoofdsom.
Hoofdstuk III › § 2
Artikel 74
Artikel 74
Onderdeel van Subsidie-verordening besluit woninggebonden subsidies 1993 Regio Nijmegen