De gemeente biedt rolstoelvoorzieningen aan mensen met mobiliteitsbeperkingen, die langdurig zijn aangewezen op zittend verplaatsen. Het is een hulpmiddel voor mensen die zich niet (goed) lopend kunnen verplaatsen of die geen langere afstanden meer kunnen afleggen. Er zijn veel verschillende soorten rolstoelen, afgestemd op het gebruiksdoel en de beperkingen. Sommige rolstoelen zijn voor gebruik binnenshuis, anderen voor binnen en buiten. Van belang is dat loophulpmiddelen zoals een stok, rollator, looprek etc. voorgaan op een Wmo rolstoelvoorziening. Een rolstoel op vakantie meenemen naar het buitenland is toegestaan. Wel moet dit als het om een bruikleenmiddel gaat aan de leverancier worden gemeld. De cliënt is zelf verantwoordelijk voor het (WA en/reis) verzekeren van de rolstoel in dit geval.
Bij een aanvraag voor een scootmobiel worden ook mobiliteitsaspecten meegewogen.
Programma van eisen voor een rolstoel
Het selecteren van een rolstoel is maatwerk. De gekozen rolstoel moet passen bij de gebruiker. De gebruiker moet er goed mee overweg kunnen en de rolstoel moet bruikbaar zijn in de omgeving van de gebruiker en voor de activiteiten die de gebruiker onderneemt. Hiervoor stelt de klantmanager een programma van eisen op dat voorziet in de functionele gebruiksdoelen van de cliënt en selecteert vervolgens de goedkoopst adequate rolstoel die aan deze eisen voldoet.
Een rolstoel wordt verstrekt voor langdurend adequaat gebruik. Als de verwachting is dat de gezondheid en het functioneren van de cliënt snel progressief achteruit gaan, houdt de klantmanager met deze factor rekening. In dat geval kan een verzoek om verstrekking in PGB geweigerd worden. Een dure rolstoel verstrekken voor een paar maanden kan kapitaalvernietiging zijn als de rolstoel niet vanuit het kernassortiment verstrekt kan worden.