Algemeen
De door de budgetbeheerder gekozen aannemer moet bereid zijn om aanpassingen die onderhoud vereisen te onderhouden en te repareren. In de offerte van de leverancier moet dit ook tot uitdrukking komen. Bij het bepalen van het Pgb bedrag worden immers de offertes opgevraagd inclusief deze meerkosten. Hiervoor moet tussen de budgetbeheerder en de leverancier een contract worden afgesloten. Dit bedrag is een maal per kalenderjaar declarabel. Het contract wordt bij aanschaf van de voorziening afgesloten voor de minimale geldigheidsduur van het toegekende PGB.
Het onderhoudscontract voor een voorziening omvat de volgende voorzienbare kosten (niet limitatief):
- - Voorrijdkosten en arbeidsloon.
- - 24-uurservice.
- - Gelijkwaardige leenvoorziening indien de voorziening niet binnen een redelijke termijn gerepareerd kan worden.
- - Jaarlijks onderhoud met indien wettelijk vereist een 4 jaarlijkse keuring (alleen bij plateau- en buitenliften).
- - De voorziening heeft een technische afschrijving. Bij gelijkblijvende beperkingen verstrekt de gemeente binnen deze termijn niet opnieuw een overeenkomstige voorziening.
Deze meerkosten worden gedurende de geldigheidsduur van de PGB eenmaal per kalenderjaar declarabel gesteld.
Specifieke kosten bij Woonliften/ Plateauliften/ Plafondliften: Keuringskosten mogen eens in de 4 jaar in rekening worden gebracht bij verstrekte plateauliften of complete binnen – of buitenliften. Deze kosten mogen op geen enkele andere voorziening in rekening worden gebracht. Verder geldt dat er voor deze liften een onderhoudscontract moet worden afgesloten, waarbij maximumtarieven gelden voor het jaarlijkse service- en onderhoud van deze soort liften, zie hiervoor de bedragen vastgesteld in de nadere regels. Alles boven dit bedrag (aan onderhoud/ service) komt op rekening van de cliënt. Noodzakelijk reparaties tot een bepaald bedrag (richtlijn: € 500) zijn altijd declarabel. Wanneer een reparatie hoger uitvalt, dient eerst toestemming gevraagd te worden aan de gemeente. Deze kan de afweging maken of reparatie dan wel vervanging wellicht een betere optie is.
Specifiek bij Trapliften: Onze trapliften schaft de gemeente aan voor een al-inn bedrag. In principe is dat het bedrag dat ten hoogste wordt verstrekt als cliënt zelf een traplift via een PGB aan wil schaffen. Meerkosten komen dan op het conto voor de cliënt. Als een cliënt dat een te groot risico vindt wordt hij / zij verwezen naar de ZIN verstrekking.
Voorrij-, onderhouds- en reparatiekosten worden niet extra vergoed gedurende 10 jaar. Anders is het bij de heel oude trapliften, die destijds in eigendom werden verstrekt. Hiervoor gelden de maximumtarieven aan onderhoud zoals opgenomen in de nadere regels 2022.
Specifiek bij Spoel/föhn-installatie voor toilet: Er is geen onderhoud noodzakelijk op een dergelijke installatie. Wel is het raadzaam om afspraken te maken in geval van storing aan de installatie. Mochten hier kosten uit voortvloeien zijn deze declarabel. Bij kosten hoger dan € 500 moet eerst toestemming worden gevraagd aan de gemeente. Deze kan de afweging maken of reparatie ofwel vervanging noodzakelijk is.