Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.3

Artikel 3.3.1

Lozingsverbod hemel- en grondwater

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving gemeente Noordoostpolder

1.. Het is verboden om hemelwater en grondwater te lozen in het openbare vuilwaterriool. 2.. Dit verbod geldt alleen in de gebieden die daarvoor zijn aangewezen in het omgevingsplan. 3.. Het verbod geldt niet voor de afvoer van: hemelwater en grondwater dat vrijkomt bij een activiteit waarvoor regels over de hemel- en grondwaterafvoer gelden vanuit het Besluit activiteiten leefomgeving; hemelwater en grondwater dat vrijkomt bij een activiteit waarvoor in een omgevingsvergunning voorwaarden zijn gesteld aan de hemel- en grondwaterafvoer, of hemelwater van de openbare weg. 4.. Bij het vaststellen van een gebiedsaanwijzing, zoals bedoeld in het tweede lid, wordt rekening gehouden met de inhoud van het gemeentelijke watertakenplan. 5.. In het aanwijzingsbesluit kan worden bepaald vanaf welke datum bestaande lozingssituaties onder de werking van het verbod vallen. 6.. Het bevoegd gezag kan ontheffing verlenen van het verbod als er geen andere mogelijkheid is om het hemelwater of grondwater van dat bouwwerk, erf of terrein af te voeren. 7.. Aan de ontheffing kunnen voorschriften en beperkingen worden verbonden.

Rechtspraak bij dit artikel